Posts tonen met het label neoliberalisme. Alle posts tonen
Posts tonen met het label neoliberalisme. Alle posts tonen

woensdag 5 december 2007

Versoepeling ontslagrecht - hoe verslagen? (deel 2)

De reden dat de PvdA zich hard maakte voor het blokkeren van Donner's ontslagrechtplan lag binnen de PvdA, maar vooral erbuiten. Al wekenlang waren vakbonden hun leden aan het mobiliseren om in actie tegen de ontslagplannen te komen. Vakbondsleden verspreidden op grote schaal pamfletten, er kwam een actie-website, actiebijeenkomsten vonden plaats. Een peiling binnen het CNV liet zien dat 90 procent van ondervraagden zelf eventueel actiebereid tegen het ontslagplan.

Voor 24 november kondigden de bonden een grote manifestatie op de Rotterdamse Coolsingel aan, plus diverse manifestaties elders. De bonden dachten alleen al
op de Coolsingel 20.000 demonstranten tegemoet te kunnen zien, en ettelijke duizenden in andere plaatsen. Dat zou de grootste vakbondsactie sinds 2004 zijn geweest – en de vakbondsmanifestatie van 2 oktober in dat jaar was één van de grootste in tientallen jaren.

De actiedreiging zette op de PvdA-top een grote druk. Die top is traditioneel nog steeds verbonden met de top van de FNV. Als met name die laatste vakbondsfederatie zich tegen een regering met sociaaldemocraten erin keerde, werd de positie van die sociaaldemocraten bijna onhoudbaar.

Duidelijk werd intussen dat van de gewone PvdA-stemmers en – leden de overgrote meerderheid tegen de ontslagplannen was, en dus aan de kant van de vakbondsacties stond. Een PvdA die frontaal
botste met vier vijfde van haar eigen achterban was een PvdA die levensgevaarlijk bedreigd was. En waarom zou het CDA een zo uitgeholde en verzwakte PvdA als coalitiepartner nog nuttig vinden? Bos zag zichzelf bij wijze van spreken al in de oppositie belanden, aan het hoofd van een verschrompeld partijtje.

Vroeger zou een PvdA-leiding nog hebben kunnen zeggen: ja, vervelend, maar die boze PvdA-kiezers komen vroeg of laat wel terug. Maar dat gaat tegenwoordig niet op. De krachtig opgekomen SP biedt die kiezers, en selfs leden, immers een alternatief. En die SP keerde zich luid en duidelijk tegen de ontslagplannen en
riep tot steun aan de vakbondsmanifestaties op.

Druk van vakbondsprotest en vanuit de SP werd de PvdA teveel. Ze voelde zich genoodzaakt nu wel de poot stijf houden en het ontslagrechtplan te torpederen. Niet de houding van die partij zelf, maar vooral de pressie van vakbondsmensen en van har linkse partijrivaal was hierin echter beslissend. Het was een linkse overwinning, een arbeidersoverweging. Maar omdat die via het getouwtrek binnen de regering plaatsvond, was het geen rechtstreekse maar een indirecte overwinning.

Dat heeft tegenstrijdige gevolgen. Het betekent dat arbeiders hun victorie behaalden door alleen maar met strijd te dreigen. Al voor de veldslag plaatsvond was de generaal van de andere kant op de loop gegaan. Het laat zien hoe sterk links, de arbeidersbeweging en hun bondgenoten in feite staat. Maar precies omdát arbeiders niet zelf hebben hoeven vechten voor hun zege, vóélt het voor hele veel mensen niet als hun eigen overwinning.

Dat de vakbonden wel erg snel de acties afbliezen nadat de regering tot uitstel en nader beraad over de ontslagkwestie had besloten, is daarom ook jammer. Waarom niet met 20.000 mensen op de Coolsingel de overwinning gevierd – en tegelijk een schot voor de boeg gegeven om duidelijk te maken dat uitstel maar beter ook echt afstel kon betekenen? Dat had ook het wat omwezenlijke gevoel – opeens was het Donner-plan weg, en we hadden er niet eens tegen gedemonstreerd! – minder om zich heen gegrepen. En juist dit gevoel dempt de perceptie dat we met ons allen hebben gewonnen van de regering.

De victorie is bovendien niet compleet, en van tijdelijke aard. De hele kwestie komt in handen van een commissie die met adviezen moet komen de arbeidsmarkt beter kan. De PvdA heeft al
aangekondigd dat ze bij die mening blijft, wat zo'n commissie ook adviseert. Maar als de druk vanuit vakbondsland en SP geschiedenis is, als de dreigende confrontatie rond het ontslagrecht wat langer achter ons ligt en er geen hernieuwde druk van onderop wordt opgebouwd – zal de PvdA-top dan toch niet weer gaan schuiven? Er is alle reden om waakzaam te blijven, en klaar te staan om de actiedraaiboeken uit de la te halen mocht Donner, of collega’s van hem, de aanval willen heropenen.

dinsdag 4 december 2007

Versoepeling ontslagrecht - hoe verslagen? (deel 1)

Scholierenopstand en verlenging van de Uruzganmissie hebben het thema vrij snel van de voorpagina’s geduwd, maar dat is geen reden om er niet alsnog op in te gaan: het plan om het ontslagrecht te versoepelen is gesneuveld, en dat is een goede zaak. Hoe heeft het kunnen gebeuren? En wat nu?

Het idee dat ondernemers hun personeel zonder veel moeite buiten de deur zou kunnen zetten, zonder verplichte tussenkomst van een rechter bijvoorbeeld, was heilloos. Donner’s voorstel zou arbeidersrechten verder uithollen en de macht van ondernemers op de werkvloer verder versterken. Doel was, volgens het officiële verhaal, mensen aan een baan helpen. Als ondernemers makkelijk van arbeiders af konden komen, zouden ze eerder mensen verliezer Donnerin dienst nemen. Van de angst dat ze die nauwelijks meer konden dumpen zouden ze immers worden verlost.

Het was weinig meer dan een sprookje. Donner zelf erkende hij dat hij het ontslagrecht wilde versoepelen,
ook als dit géén extra banen op zou leveren. Eerder noemde hij het vaste arbeidscontract als zodanig 'een smeltende ijsschots'. En een onderzoek van de ombudsman gaf aan dat bij huidige procedures de ondernemer al vaak op voorsprong stond. Waarom verdere versoepeling najagen? Het echte antwoord: de concurrentiepositie van de Nederlandse ondernemersklasse bevorderen, winst nog verder boven arbeidersrechten stellen.

Zoals we weten gaat het niet door, althans voorlopig, en dat is een stevige nederlaag voor kabinet en ondernemers. Het is een overwinning van arbeidersbeweging en van links. Maar de overwinning is indirect, tijdelijk en dus niet compleet. Dat de overwinning indirect is, wordt duidelijk aan de loop van de gebeurtenissen. Het hardnekkige 'nee' van PvdA-bewindslieden tegen Donners plan dwong het CDA op de terugtocht. Het alternatief – kabinetscrisis – was blijkbaar niet aantrekkelijk, het heeft er veel van weg dat het CDA de PvdA nog even nodig denkt te hebben.

Maar waar kwam dat PvdA-nee vandaan? Van harte ging het niet, want Bos had zelf wel eens gezinspeeld op mogelijke versoepeling van ontslagrecht. En het idee dat de PvdA zich bij gedraai door principes laat hinderen is langzamerhand iedere geloofwaardigheid kwijt. Zo was er eerder dit jaar de
ommezwaai van die partij rond het nieuwe EU-verdrag. Eerder had de PvdA daarover een nieuw referendum beloofd. Die eis liet ze opeens vallen.

Maar,
zo werd in de PvdA gesuggereerd – nu die partij op het referendumfront had toegegeven, zou ze in ruil daarvoor haar zin krijgen rond het ontslagrecht. Toen inderdaad het ontslagplan van tafel verdween leek het alsof deze uitruil had gewerkt. Maar dit op zich nog geen overwinning voor arbeidersbeweging van links, maar hooguit voor deprimerende sociaaldemocratische koehandel. Toch?

Niet helemaal. Zoals de PvdA rond dat referendum snel kon omzwaaien, had ze dat rond het ontslagrecht ook kunnen doen, als de druk vanuit het CDA genoeg was opgevoerd. Bos wil immers zo graag blijven regeren, het idee dat er bij voorbaat een grens aan zijn gedraai is, lijkt me misplaatst. Als hij en zijn PvdA-collega’s nu wel voet bij stuk hielden, moet daar een reden voor zijn…


(wordt vervolgd)

vrijdag 18 mei 2007

Wolfowitz vertrekt, wie volgt hem op?

Paul Wolfowitz verdwijnt als directeur van de Wereldbank - eindelijk. Hij heeft zijn vriendin een mooie promotie plus salarisverhoging gegeven, hetgreen tot gefronste wenkbrouwen, vervelende vragen en uiteindelijk tot de wind van voren leidde. En nu krast hij dus op. Welnu, opgeruimd staat netjes.

Maar hij heeft de schade in zijn reputatie weten te beperken. In een verklaring van uitvoerend directeuren van de Wereldbank (gevonden via berichtgeving in de NRC)staat: "onze beraadslagingen werden sterk geholpen door ons gesprek met de heer Wolfowtitz. Hij verzekerde ons dat hij in goed vertrouwen handelde, in wat hij dacht dat het belang van de instelling was. We accepteren ook dat anderen ethisch en in goed vertrouwen hadden gehandeld. Tegelijk is het duidelijk (...) dat er een aantal vergissingen zijn gemaakt door een aantal mensen in de behandeling van de zaak onder beschouwing..." Zelf zegt hij: "Ik ben blij dat (...) de Uitvoerend Directeuren van de Wereldbank mijnverzekering dat ik ethisch en in goed vertrouwen heb gehandeld, in wat ik geloofde dat in het hoogste belang van de instelling was, inclusief de rechten van een gewaardeerd staflid" (zijn vriendin, blijkbaar).

Laten we dit eens bekijken. Je wordt directeur, en geeft je vriendin een mooie promotie plus extra salaris. Zoiets heet bij veel mensen machtsmisbruik om vriendjespolitiek te bedrijven. Wolfowitz klaagt ook dat de Ethische Commissie hem voor zo'n fout had moeten behoeden met duidelijker richtlijnen. "Wolfowitz had van Ad Melkert, destijds voorzitter van de Ethische Commissie van de Wereldbank, te horen gekregen dat zijn eerste oplossing, waarbij Riza (de vriendin, opm. Rooieravotr) bij de Bank zou blijven maar Wolfowitz zich zou onthouden van invloed op haar (...) niet verenigbaar was met de regels. Het advies van de Ethische Commissie dat Wolfowitz zelf een andere oplossing moest zoeken, vatte hij op als een vrijbrief, zij het dat hij herhaaldelijk had beweerd at hij niet om die rol heeft gevraagd. De Wereldbank concludeert in haar eindrapport dat het advies van de commissie inderdaad niet uitblonk in helderheid", zo schrijft de NRC.

Kennelijk heeft een man als Wolfowitz 'richtlijnen' nodig om er achter te komen dat vriendjespolitiek en machtsmisbruik niet ethisch zijn. Dat die ethische commissie trouwens constructief in de hele farce meegegaan is, in plaats van luid en duidelijk te zeggen dat elke variant in dit type promotie stinkt naar corruptie, zegt dan weer vrij veel over de hele mentaliteit in die commissie, en in de top van de Wereldbank als zodanig.

Natuurlijk hoefden we over de hele afgang van Wolfowitz niet verbaasd te zijn. Natuurlijk was de kans dat hij vriendjespolitiek zou gaan bedrijven tamelijk groot. Hij was immers zelf via zeen kruiwagen aan de baan te komen. Wolfowitz kreeg de positie omdat Bush zijn vriend en gangmaker van de Irak-oorlog een mooie positie wenste te bezorgen. Wat Bush met Wolfowitz deed, dat deed Wolfowitz met zijn vriendin.

Of zijn er werkelijk mensen die denken dat Wolfowitz Wereldbankdirecteur mocht gaan leiden vanwege zijn intense wil om het bestaan van de armen wereldwijd te verbeteren? Zijn belangrijkste bijdrage aan het welzijn van arme mensen deed hij toen hij nog in het Pentagon werkte: het voorbereiden van twee aanvalsoorlogen tegen Afghanistan en Irak, twee straatarme landen; het laten doden van honderdduizenden straatarme mensen in die landen; het helpen slopen van elementaire voorzieningen in die landen, waardoor juist arme mensen nog verder in de misère zakten; en het verwachten dat de arme mensen uit die landen deze invasies met bloemen en andere feestelijkheden zouden begroeten. Voorwaar, zo'n schrijftafelmoordenaar van grote aantallen arme mensen maak je Wereldbankdirecteur!

En waarom ook niet? Met alle prachtige verhalen over ontwikkelingssamenwerking en steun aan arme mensen blijft de Wereldbank, samen met het IMF, wat ze was: eenmachtige arm van het Westen om privatisering en marktwerking door te drukken in ruil voor kredieten; en tegelijk een incassobureau om stipte afbetaling van die kredieten met rente af te dwingen. Wat het Amerikaanse militaire apparaat met bommen en granaten doet, dat bedrijven Wereldbank en IMF via economische chantage.

Nu gaat de oorlogsmisdadiger Wolfowitz dus weg bij die malafide kredietverschaffer. De opvolging wordt al een heuse Kwestie. Volgens afspraken moet de directeur van de Wereldbank een Amerikaan zijn (de IMF heeft een Europese directeur). Bert Koenders, minister van Ontwikkelingssamenwerking, wil nu echter dat "kwaliteit" zwaarder weegt, en wil dus kijken naar iemand van buiten de VS (Volkskrant, 18 mei).

Natuurlijk is kwaliteit in het afpersen van arme landen belangrijker dan de nationaliteit van de opper-afperser, mijnheer Koenders. Natuurlijk wonen er ook buiten de VS hardvochtige bureaucraten die aan het solliciteren zijn. Ik begrijp dat. Is er bijvoorbeeld niet nog een directeur van het UWV die nuttige ervaring heeft opgedaan in het de goot in trappen van arme mensen via brute herkeuringen, en die om een mooie nieuwe betrekking verlegen zit? Vraag het eens in de ministerraad aan collega Donner, zou ik zeggen.

Curieus genoeg - om geen steviger woord te gebruiken - klinkt in de Socialistische Partij een soortgelijk liedje. "Minister Koenders (...) moet per direct het oude herenakkoord opzeggen dat bepaalt dat de president van de Wereldbank een Amerikaan is. Dit bepleit SP-kamerlid Ewout Irrgang in reactie op het aftreden van Paul Wolfowitz." Hij wil daar niet drie jaar mee wachten, zoals Koenders. "De opvolger van Wolfowitz zou best iemand kunnen zijn uit een ontwikkelingsland met een geschikte economische achtergrond." Prachtig! Er zijn ongetwijfeld nog wat neoliberale ex-dictators van ontwikkelingslanden her en der die het baantje best zouden kunnen doen, wellicht is binnenkort de Pakistaanse generaal en pro-Amerikaanse dictator Musharraf beschikbaar, nadat de bevolking hem uit het presidentiële paleis heeft verjaagd...

Irrgang gaat verder: "Daarnaast is het met deze crisis de tijd rijp geworden om het vetorecht af te schaffen dat de Amerikanen binnen de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds bezitten." Zie hij dan niet dat de vraag bij de Wereldbank, één van de pijlers van de neoliberale overheersing, niet is: wie mag directeur spelen? Maar: hoe slopen we die pijler? We maken ons toch ook niet druk over de vraag of de ChefStaf van Defensie afkomstig is uit het leger, de marine of de luchtmacht? Waarom is de nationaliteit van de Deurwaarder van het Vrije Westen dan wel relevant?

Overigens zou de vraag wie de volgende directeur van de Wereldbank wordt wel eens een heel amusant en passend antwoord kunnen krijgen. In De Morgen las ik over één van de mogelijke kandidaten. Geen Amerikaan, maar wel verantwoordelijk voor dezelfde oorlogen als Wolfowitz, net zo'n oorlogsmisdadiger dus als de man die hij mag opvolgen, en evenmin vrij van een geur van corruptie. Binnenkort is hij zijn huidige functie neer. Zijn naam is Tony Blair. Hebben deze mensen dan werkelijk geen enkele schaamte meer over?