dinsdag 18 september 2007
Opstandige advocaten en rebelse monniken
zondag 16 september 2007
Demonstratie tegen steeds moorddadiger olie-oorlog
vrijdag 14 september 2007
Vermakelijk, verontrustend en veelzeggend: crisis in VVD-land
donderdag 13 september 2007
Wedstrijd op de rechterflank
Lijst Pim Verdonk?
dinsdag 11 september 2007
VS tegen Iran: grote oorlog dreigt (deel 2)
maandag 10 september 2007
Bin Laden, kellner in New York City
Is daarmee mijn theorie onderuitgehaald? Geenszins. De theorie onderscheidt zich in haar totale gebrek aan onderbouwing immers op geen enkel wezenlijk ander punt van de twee andere theoriën die in omloop zijn: de officiële versie van Bush en zijn fans, en de underground versie van degenen die zeggen zeker te weten dat Bin Laden dood is, en alle opnamen van hem posthume vervalsingen gemaakt door de Amerikaanse en/of Israëlische geheime dienst. Als die beide versies serieus genomen worden door verstandige mensen, waarom mijn kellner-theorie dan niet?
Geloof jij het, geloof ik het
Laten we de officiële versie eens bekijken. Vanuit een ontoegankelijk berggebied organiseert een klein groepje fanatici een immense aanslag op 11 september. Daarna weet de aanstichter jaar na jaar aan de lange arm van CIA en FBI te ontsnappen.
De man, Bin Laden, is naar verluidt nogal ziek en heeft nierproblemen. Zie je het voor je, een dialyse-apparaat dat met muilezels over de Khyber-pas het ontoegankelijke berggebied wordt doorgezeuld, en aan de praat wordt gehouden met een noodaggregaat? Of moeten we geloven dat in de fameuze grotten van Tora Bora een enorme en van de modernste snufjes voorziene basis bevindt, zo gekopieerd uit een James Bond-film? En dat geen geheime dienst van de VS erin geslaagd is die basis zelfs maar op te sporen?
En dan de video-boodschappen die Bin Laden de wereld in slingert. Keer op keer bevestigen 'experts' dat het inderdaad 'authentieke opnamen' zijn, dat het 'em echt is, en dat de boodschap nog niet lang geleden gemaakt is. Nu ook weer. Keer op keer kost het sceptici weinig moeite om hier toch serieuze twijfel over te zaaien.
Niet alleen zijn het steevast regeringsexperts die de authenticiteit van de videobeelden onderstrepen. Maar waarom zouden kritische mensen ook maar één bewering van dit soort experts bij voorbaart geloven? Is onze ervaring met de regeringsexperts van Bush over, ik noem maar iets, massavernietigingswapens in Irak, dan zo onverdeeld gunstig dat deze beroepsgroep ons vertrouwen ook maar een nanoseconde waard is?
Maar er is meer. De meest recente boodschap bevat allerlei verwijzingen naar recente politieke gebeurtenissen. Curieus is wel dat, volgens een artikel op Booman Tribune, alle verwijzingen naar recente gebeurtenissen op de video gedaan worden in episodes waarin het beeld niet beweegt. Waar we Bin Laden daadwerkelijk zien spreken bevat te video geen verwijzingen naar recente aangelegenheden. Dat biedt op zijn minst ruimte voor speculaties dat er met de tape is geknoeid.
De baard en de neus
Andere scherpzinnige waarnemers hebben opgemerkt dat de baard van Bin Laden op de recente beelden zwart is, en dat het een volle baard is. Eerdere beelden gaven een grijze, en nog al dunnige baard te zien. Natuurlijk kan hij zijn baard gewoon beter hebben onderhouden (in dat superdeluxe ondergrondse bolwerk in Tora Bora zijn ongetwijfeld haute coiffure kappers aanwezig, de fortuinen van de familie staan dat ongetwijfeld toe).
Maar is het een logische gedachte dat Bin Laden opeens zijn uitstraling zo stroomlijnt, zichzelf opeens als het een upgrade geeft door zich in het net te steken? Komt dat overeen met het door hem beoogde imago van rebel in de bergen die er steeds maar in slaagt aan zijn oppermachtieg vijanden te ontsnappen om ze vervolgens met video-boodschappen een symbolische middelvinger te laten zien?
En dan is er nog de neus van de man. De top daarvan is, volgens Damian Lataan die de beelden blijkbaar van dichtbij heeft bekeken, en aan wie ik ook bovenstaande informatie over de baard op de video ontleen, veel dunner dan op eerdere beelden. Hij zegt erover dat dit slechts met chirurgie veranderd zou kunnen zijn. Maken van de immense terroristische infrastructuur in het Afghaans-Pakistaanse berggebied nu ook al teams van plastische chirurgen deel uit?
De inhoud van de recente boodschap van Bin Laden is ook erg merkwaardig. Allerlei aanklachten tegen de maatschappij van de VS die zo uit een handboek van andersglobalisten kunnen zijn weggelopen. En daarnaast een oproep aan Amerikanen om zich tot de Islam te bekeren. Dit is helemaal niet consistent met eerdere uitlatingen die aan Bin Laden zijn toegeschreven. Die gingen consequent in de richting van: 'staak je bemoeienis met de Islamitische wereld, stop de steun aan Israël, stop de bezettingen van Afghanistan en Irak, haal Westerse troepen terug uit Saoedi-Arabië - dan laten we jullie met rust. De Westerse interne politiek interesseert ons niet, we vallen Zweden toch ook niet aan?' Waarom nu opeens wel die interesse voor het reilen en zeilen van de Amerikaanse maatschappij? En - wie heeft er vooral baat bij de combinatie van lkinksige andersglobaliseringsgeluiden metoproepen tot Jihad en bekering? Is dat Al Qaeda? Is is dat niet vooral Bush en Cheney en bondgenoten, die daarmee des te makkelijker hun tegenstanders op één hoop kunnen gooien met echte en vermeende terroristen?
Al deze dingen zijn wat mij betreft reden om aan de officiële Bin Laden-mythologie te twijfelen. Maar betekent het dus dat we moeten geloven dat Bin Laden ergens eind 2001 is overleden, zoals zowel Damian Lataan als Kurt Nimmo beweren? De eerste verwijst naar een stuk op What Really Happened - een website die op mij de indruk wekt nogal door samenzweringstjheorietici gemaakt te zijn. Maar het betreffende artikel komt wel met een reeks bronnen die de 'waarschijnlijke' dood van Bin Laden noemen. Onder hen: de Pakistaanse president Mubarak, Israëlische inlichtingenbronnen, de Afghaanse president Karzai, en een hoge FBI-functionaris. Maar bewijs geven ze geen van allen.
Doet het ertoe?
Daarmee zijn we terug bij ons begin. De officiële versie van Bin Laden is ongeloofwaardig: de man en zijn club Al Qaeda dienen vooral om mensen bang te houden voor nieuwe aanslagen, en om een eindeloze voortzetting van de frauduleuze 'Oorlog tegen terrorisme' te rechtvaardigen. Maar dat wil niet zeggen dat we dus kunnen concluderen dat de huidige Bin Laden gewoon een verzinsel is van geheime diensten, en dat de videoboodschappen simpelweg vervalsingen zijn, made in Hollywood of waar dan ook. Hoeveel raars er aan die videoboodschappen ook valt waar te nemen, vermoedens over overlijden en tegenstrijdigheden in nogal schimmig beeldmateriaal zijn bepaald geen hard bewijs.
In de kern doet het er ook niet veel toe. Of Bin Laden nu bestaat of niet, of de videoboodschappen nu authentiek zijn of vervalsingen, de politieke functie van het Bin Laden- spektakel verandert daarmee niet. In beide gevallen is hij de boeman waarmee het Witte Huis zijn oorlogspolitiek blijft rechtvaardigen. Hij zou, wat dit alles betreft, dus inderdaad ook kellner geworden kunnen zijn in New York. Ik hoop dan nog eens een pizza van hem op mijn bord te krijgen, als ik ooit weer in New York kom. Dat zal wel na de revolutie worden, want als communist, terroristenvriend en ook nog eens erkend en gediplomeerd homoseksueel kom ik de VS voor die tijd hoogstwaarschijnlijk niet in, als ik het geld er al voor had. Maar dit terzijde.
Of boeman Bin Laden bestaat of verzonnen is, of hij nog leeft of allang is overleden, dat is niet zeer relevant. Aan de taak om aan de oorlogen te bestrijden waar hij, of zijn verzonnen stand-in, het voorwendsel voor gaf maar die in werkelijkheid produkt zijn van ambities en winsthonger van Amerika's machthebbers, veranderen alle speculaties en vermoedens hierover immers geen ene mallemoer.
zondag 9 september 2007
Bij de dood van Pavarotti
Ja, muzikaal gesproken was Paravotti operazanger, geen rockartiest dus. Met opera heb ik trouwens weinig, het is me te gezwollen wat zangstijl en uitstraling betreft, een ietsje teveel 'over the top'. En juist bij Pavarotti had wat mij betreft precies dat aspect wel heel erg de overhand. Dat gold muzikaal, maar het gold met name ook voor de ster-uitstraling, de sociale rol van de artiest, en de context waarin hij die rol vervulde. En juist daarin zie ik redenen om hem een rockster te noemen.
De ingrediënten van rock-stardom liggen voor het oprapen. De mega-optredens in grote stadions, via moderne media soms wereldwijd te volgen. De welhaast hysterische fans die meteen samenkwamen na het overlijden van de man. De huwelijkse narigheid van scheiding, het schandaaltje wegens belastingontduiking, de sex, drugs en rock 'n'; roll die bij Pavarotti omgevormd was tot sex, wijn, spaghetti en sterallures. Het onvermijdelijke rancuneuze boek van iemand die vele jaren met hem heeft samengewerkt, grof geld daarmee heeft binnengesleept en vervolgens de ster genadeloos onderuithaalt, wellicht terecht maar naar mijn idee niet zonder hypocrisie. En waar de rockwereld supergroepen kende zoals Crosby, Stills, Nash & Young, daar had Pavarotti zijn eigen wereldtrio: de Drie Tenoren, naast Pavarotti ook Jose Carreras en Placido Domingo.
De NRC schreef terecht: "Pavarotti ontwikkelde vooral via de televisie en met stadionoptredens een megastatus, die vaak nog groter leek dan die van de popsterren met wie hij ook optrad." Dat onder die popsterren zich uitgerekend iemand als Bono bevond, bij wie de muzikale bevlogenheid al jarenlang volstekt overvleugeld lijkt door het imago van Wereldredder via mega-evenementen als het klimaatgebeuren van 7-7-07, versterkt de parallel alleen nog maar.
Natuurlijk zijn er verschillen. Een rockster vraagt 100 euro of zo voor een optreden, als hij of zij echt een grote naam heeft. Pavarotti haalde in New York in 2002 en slordige 2000 euro per kaartje binnen - om het vervolgens twee avonden achtereen af te laten weten, naar verluidt wegens griep. En ik moet ook de eerste rockster nog meemaken van wie de uitvaart wordt bijgewoond door de premier van het land en de ex-baas van de Verenigde Naties. Op Pavarotti's begrafenis waren beiden aanwezig: Prodi en Kofi Annan.
Ook schilderde de Italiaanse luchtmacht in de lucht met uitlaatgassen de kleuren van de Italiaanse vlag. Iets vergelijkbaars kan ik me bij de dood van Elvis Presley niet herinneren, om van het afscheid van Kurt Cobain maar te zwijgen. "'Het is een speciale actie die normaal gesproken alleen voor staatsbegrafenissen is gereserveerd", aldus de verantwoordelijke luchtmachtcommandant." Prijzen van toegangskaartjes en vooral hetgasvormige vlagvertoon in de lucht geven aan waartoe Pavarotti was afgegleden: held van de rijken, statussymbool voor de machtigen en icoon van het Italiaans nationalisme.
Maar er is een andere parallel tussen de operawereld van Pavarotti en de rockwereld van Bono. Beiden zijn vandaag de dag een vrijwel kritiekloos onderdeel van de amusementsindustrie van hetmoderne kapitalisme. Maar beiden hebben ook rebelse wortels die bij herhaling de kop weer op kunnen steken. Bij de rock'n'roll is dat duidelijk. Woorden als generatiekloof, protestsongs, Woodstock, punk, geven al wel iets aan.
Maar voor opera geldt iets soortgelijks. Giuseppe Verdi, befaamd operacomponist uit de negentiende eeuw, wordt wel gezien als een held voor de voorvechters van de Italiaanse eenwording. Het waarheidsgehalte van dit beeld is overigens volgens het Engelstalige Wikipedia-artikel over Verdi aan serieuze twijfel onderhevig.
Het Italiaanse nationalisme was, zeker in de eerste helft van die eeuw, een strijd tegen Oostenrijkse overheersing en feodale verhoudingen. Die dynamiek maakte dat nationalisme in die tijd tot iets vooruitstrevends, hetgeen van het huidige nationalisme in Italië niet meer kan worden beweerd. De Italiaanse strijder voor onafhankelijkheid Garibaldi, in een recent leerzaam artikel in de Socialist Worker wellicht ietwat overdreven aangeduid als "de Che Guevara van de negentiende eeuw", was in de ogen van linkse mensen in die tijd een held.
Er zijn meer voorbeelden. Mozart nam het in Cosi Fan Tutte op voor vrouwen die op seksueel gebied eigen keuzes maakten. De opera verwekte schandaal en mocht in 25 jaar niet in Wenen worden opgevoerd. En Richard Wagner, toen hoofd-kapelmeester, later een Duits-nationalistisch reactionair maar revolutionair muzikaal vernieuwer in opera's, heeft ooit nog eens met Michael Bakunin, de latere anarchist, op de barricaden gevochten in Dresden, 1849.
Zodra Carreras of Domingo, de overlevenden van de genoemde Drie Tenoren, aankondigen de protesten tegen de volgende G8 ter plekke te ondersteunen, of deelnemen aan protesten tegen de dreigende aanval op Iran, zal ik overwegen naar hun optreden te gaan. Maar dan moet het kaartje wel goedkoper zijn dan 2000 euro...
zaterdag 8 september 2007
Griezelige zaken
Als je daarin een eind naar onder scrollt zie je twee keer een stukje met als titel "Military admits bomber mistakenly flew nukes across country" Het tweede van die stukjes onder die titel sluit af met de zin: "De Luchtmacht kondigde aan dat alle vluchten van bommenwerpers en gevechtsvliegtuigen in de Verenigde Staten zullen worden stopgezet op 14 september om een controle van procedures mogelijk te maken".
Nu zit momenteel de E in de maand, de E van Elf September. We zitten in de aanloop naar de jaarlijkse herdenking van de aanslagen van 11 september 2001. In deze tijd van het jaar gonst het nogal eens van de speculaties, klinkt de roep om hernieuwd onderzoek naar de ware toedracht van die gebeurtenissen extra luid, en willen er ook nogal eens wilde geruchten over nieuwe aanslagen de wereld in komen. Websites die beweren dat de aanslagen destijds door de CIA of andere Amerikaanse geheime netwerken zelf zouden zijn uitgevoerd, zijn ongetwijfeld in deze weken extra actief en trekken extra veel bezoekers. Opwindende verhalen over een luchtmacht die een dag uit de lucht gaat, passen in dit beeld.
Maar CNN is géén website van de lui die achter Elf September nog steeds een groot Amerikaans complot menen waar te nemen; integendeel, CNN is een zender die tamelijk braaf een pro-regeringsversie van 'het nieuws' doorgeeft. Als zo'n zender dit bericht geeft is het nog niet perse waar - de Amerikaanse Luchtmacht kan best liegen. Maar het bericht is niet af te doen als paranoïde verzinsel van lui die zich, zeer ten onrechte overigens, de 9/11 Truth Movement noemen.
De aanleiding voor de controle waarvoor de luchtmacht aan de grond wordt gehouden op 14 september is trouwens ook tamelijk griezelig. Afgelopen week werd bekend dat er een vliegtuig, voorzien van zes met kernkoppen geladen kruisraketten, had rondgevlogen boven de VS. Zoiets is sinds 1968, toen vluchten met kernwapens na een serie ongelukken werd stopgezet, niet meer gebeurd - voorzover bekend.
Vraag is wie voor zoiets opdracht kan geven. Het idee dat een willekeurige commandant van een luchtmachtbasis gewoon kan besluiten om een vliegtuig met instant-massamoord de lucht in te sturen is weinig geruststellend. Toch is dat precies wat is gebeurd zou kunnen zijn - als we de woorden van het Pentagon dat het hier slechts om een vergissing gaat, moeten geloven.
De andere mogelijkheid is dat een veel hogere functionaris tot deze vlucht heeft besloten. Maar wie dan? En waarom? Is er misschien - zoals het artikel op de World Socialist Website, waar ik de gegevens over deze griezelvlucht aan ontleen, oppert - sprak van voorbereidingen van een kernaanval op Iran?
Alles bij elkaar trek ik twee conclusies. Om te beginnen zou ik, als ik naar de VS zou reizen, geen vlucht boeken voor 14 september. En verder wordt opnieuw duidelijk hoe onverantwoord het is om kernwapens in handen te zien van wie dan ook, maar vooral van de grootste schurkenstaat ter wereld.
donderdag 6 september 2007
VS tegen Iran: grote oorlog dreigt
Een grote Amerikaanse aanvalsoorlog tegen Iran staat voor de deur. Alles is er klaar voor: de excuses, de plannen, de wettelijke afdekking. De lancering van de aanval is een kwestie van tijd - als niemand een stokje voor deze nieuwe misdaad steekt.
Oorlogspropaganda
De argumentatie van het Witte Huis is bekend, en is opgebouwd uit onbewezen beschuldigingen, om het eens netjes te zeggen. Iran maakt kernwapens, steunt gewapende strijd tegen de VS in Irak en in Afghanistan. Voor het eerste ontbreekt, ook volgens het Internationaal Atoomagentschap IAEA, bewijs; er is volgens rapportage van het IAEA van serieuze vertraging van net Iraanse kernprogramma sprake, en ook van enige samenwerking met inspectie. Voor het tweede en derde geldt hetzelfde, en bovendien heeft de VS, die in beide landen tienduizenden militairen als bezettingsmacht heeft neergezet of via de NAVO neer heeft laten zetten na illegale aanvalsoorlogen, geen enkel recht van spreken als een buurland van die beide landen enige steun zou geven aan gewapende groepen die zich daartegen keren
De wettelijke onderbouwing is ongeveer rond. De Senaat heeft in juli een amendement op wetgeving voor de oorlogsbegroting aangenomen waarin Iran beschuldigd wordt van moorden op Amerikaanse militairen in Irak; de toevoeging dat dit amendement niet gebruikt mag worden als grondslag voor militair optreden tegen Irak is nauwelijks geruststellend. Het Huis van Afgevaardigden heeft in juni een resolutie aangenomen waarin de VN-Veiligheidsraad gemaand wordt tegen Iran op te treden. Daarin lezen we: "aangezien Iran op agressieve wijze een clandestiene inspanning verricht om kernwapens te ontwikkelen..." De beschuldiging van de VS dat Iran naar zulke wapens streeft, wordt hier doodleuk als feit gebracht. De VS wil de Iraanse Revolutionaire Garde op de lijst van terroristische organisaties zetten. Dat zou betekenen dat instanties die daar steun aan geven volgens de 'logica' van de Amerikaanse 'oorlog tegen terrosisme' een legitiem oorlogsdoelwit zijn: staten die terroristen huisveststen mogen immers worden aangevallen volgens dat beginsel. En president Bush waarschuwde eind augustus dat Irans streven naar kernwapens de regio "onder de schaduw van een nucleaire holocaust" plaatst.
De golf van oorlogspropaganda vanuit het Witte Huis draait dus op volle toeren. Plannen voor een grootschalige bommencampagne maken duidelijk wat voor geweldsexplosie de Amerikaanse heersers bereid zijn te ontketenen. Zo berichtte de Sunday Times op 2 september over een aanvalsplan waarin het militaire apparaat van Iran in drie dagen uitgeschakeld zou worden met luchtaanvallen op 1200 locaties.
Niet òf, maar wanneer
De vraag is niet langer óf de VS tot oorlog overgaat, maar wanneer. Dat de slinkende maar wanhopig-vastbesloten groep machthebbers rond Bush en vooral sterke man Cheney de klus achter de rug willen hebben voordat de ambtstermijn van de president afloopt lijkt mij onmiskenbaar. De gevolgen die dreigen zijn catastrofaal, en niet alleen voor de mensen in Iran die met massamoord vanuit de lucht worden bedreigd. Een minstens regionale uitbreiding van de oorlog, een onbeheersbare escalatie, is bepaald niet onwaarschijnlijk. Als de catastrofe zich eenmaal ontrolt, dan zullen zelfs mensen in het al zo geteisterde Midden-Oosten snel terug verlangen naar de relatief nog zo vreedzame zomer van 2007.
Dat is de dreiging. Ik weet het, de afgelopen jaren leek het vaker die kant op te gaan. Ik kwam zelfs berichten tegen, afgelopen voorjaar, dat militaire bronnen in Rusland zo ongeveer als zekerheid wisten te melden dat Amerikaanse luchtaanvallen zouden beginnen op 6 april. De operatie had zelfs al een codenaam gekregen: 'Operation Bite'. Zoals we weten heeft de aanval niet plaatsgevonden.
In 2006 zagen we ook al hoe de oorlogsretoriek op gang kwam. De sfeer werd dreigender, een grote aanval leek op handen. Die grote aanloop in oorlogsrichting werd krachtdadig onderbroken door de oorlog die Israël op Libanon losliet. Die was klaarblijkelijk mede bedoeld om te voorkomen dat Hezbollah terug kon slaan in het geval van een Amerikaanse of Israëlische aanval op Iran.
Zoals we weten pakte het anders uit. Het Israëlische leger kreeg een welverdiend pak slaag, en de opbouw richting een aanvalsoorlog tegen Irak raakte ernstig ontregeld. Dankzij het verzet van gewapende en ongewapende Libanezen, onder aanvoering van Hezbollah meer breed daarbuiten gedragen, tegen de Israëlische en van grootschalige Amerikaanse steun voorziene agressie zijn Iraanse steden nog niet in rokende puinhopen veranderd.
Maar nu is de aanloop in die richting weer hervat. Ja, het is verkeerd om te doen alsof die aanval binnen enkele weken of maanden zeker plaatsvindt: te vaak alarm slaan in die zin leidt ertoe dat niemand je straks meer gelooft. En er is nog steeds een kans dat het allemaal niet doorgaat. Maar wie die kans tot zekerheid of waarschijnlijkheid uitroept, wie zoiets zegt als 'het zal wel , niet, dat durft de VS niet, zo gek zijn zelfs Bush en Cheney niet' - en het daar verder bij laat, ziet daarmee af van druk uitoefenen tegen de oorlogsdreiging.
Hoe minder druk de gangmakers van deze aanvalsoorlog ervaren, hoe lager de politieke prijs die zij vrezen te moeten betalen voor hun oorlog. Naarmate die ingeschatte prijs daalt, neemt ook de terughoudendheid in oorlogsrichting verder af, en slaat de afweging van de oorlogsmakers in Washington eerder door in de richting van daadwerkelijk aanvallen, het er op wagen. Dus: wie deze oorlog wil vermijden en bestrijden, kan maar beter de waarschijnlijkheid van de aanval als uitgangspunt nemen, om op die basis de oorlog uit alle macht te dwarsbomen.
Hoe gaan we die oorlog dan bestrijden? We moeten daarvoor allereerst drie wezenlijke obstakels onder ogen zien, drie factoren die een breed maar tevens radicaal en drukverhogend verzet tegen een aanval op Iran ernstig hinderen. Het eerste probleem is ongeloof: dit kan niet waar zijn. Het tweede probleem is verlamming: het gevoel dat de dreiging te enorm is en het noodlot onafwendbaar. En het derde probleem is het gevoel dat eerdere pogingen om oorlogen tegen te houden ook geen succes hadden: waarom zou nu lukken wat in de aanloop van de Irak-oorlog niet lukte? Alle drie zijn het serieuze belemmeringen voor een effectief en tijdig verzet. We zullen de geldigheid ervan moeten bekijken en er iets serieus tegenover moeten stellen. dat is niet alleen nodig, dat is gelukkig ook mogelijk.
Laten we met het ongeloof beginnen. Het idee is dat een aanval op Iran - terwijl de VS plus bondgenoten op een mislukking in Irak aankoersen en ook steeds meer vastlopen in Afghanistan - onbegonnen werk is voor de VS. Een nieuw debacle, terwijl de wereldwijde weerstand tegen de VS-oppermacht toch al zo is gegroeid, - gaan ze dat er echt op wagen? Zo stom zullen ze toch niet zijn? Dat is de, ogenschijnlijk geruststellende maar zoals ik al aangaf erg riskante, redenering achter dit ongeloof.
Vlucht vooruit
Ja, uiteindelijk mislukte dat allemaal. Maar voordat de VS dat erkende , de troepen helemaal terugtrok en de bombardementen stopzette was de regio wel vijf jaar en vele honderdduizenden doden verder. Slechts de enorme kracht van de vredesbeweging rond die tijd dwong een snel einde aan de invasie van Cambodja af en weerhield Nixon er waarschijnlijk van om het Noorden van Vietnam met kernwapens te bestoken. Maar in die beweging had het inzicht dat de machthebbers in het nauw in het Witte Huis tot alles bereid waren om de Amerikaanse overheersing overeind te houden, kennelijk de overhand.
We kunnen er maar beter voor zorgen dat hetzelfde nu weer geldt, we kunnen maar beter de ernst onder ogen zien. Het is precies een vlucht vooruit die Bush en Cheney met hun dreigende oorlog willen. Irak en Afghanistan niet onder controle? Laten we de aandacht ervan afleiden en tevens trachten het probleem op te lossen door Iran aan te wijzen als bron van chaos en vervolgens als zodanig uit te schakelen. Dat is de 'logica'. De hachelijke positie waarin de VS zich in het Midden-Oosten heeft gewerkt is, zo beschouwd, juist een factor die het risico van verdere escalatie eerder vergroot dan verkleint.
Escalatie vloeit voort uit strategie
Geen vlucht vooruit betekent: doormodderen in een steeds verder vastlopende oorlog op de twee fronten Afghanistan en Irak. Dat is uiteindelijk voor de VS, meteen vrijwel overspannen en verregaand gedemoraliseerd leger, ook niet echt een optie. Terugtrekken is dat in het perspectief van de machthebbers rond Cheney evenmin: het zou betekenen dat de sterkste macht ter wereld een enorme nederlaag te incasseren kreeg. het zou het mislukken betekenen van de strategie die onder president Bush , vooral na 11 september 2001, is doorgezet. Voor achtergronden: John Bellamy Foster schetst de wortels van die nieuwe, openlijker agressieve koers in "Naked Imperialism", in de Monthly Review van september 2005; een gro9ndige analyse van het noeconservatieve programma geeft Alex Callinicos in "The grand strategy of the American Empire", in International Socialism Journal 97, winter 2002.
Die strategie - verwoord in neoconservatieve denktanks waaronder vooral het Project for a New American Century - komt op het volgende neer. De VS - zo betoogden de ideologen achter de strategie - was uit de Koude Oorlog als overwinnaar gekomen, als machtigste militaire mogendheid. Nu was de kans om die overmacht langdurig in wereldwijde oppermacht om te zetten, om staten die op langere termijn grote rivalen konden worden - China vooral - op afstand te houden en voor te blijven.
Daartoe moest de VS greep houden en waar nodig verwerven op de belangrijkste strategische grondstoffen, vooral olie, en op de gebieden waar die olie gewonnen werd en waardoor de olie vervoerd moest worden. Het ging daarbij vooral om het Midden-Oosten en Centraal-Azië. Staten in die regio dienden te accepteren dat de olie daar op voorwaarden van de Amerikaanse heersers gewonnen, verhandeld en vervoerd diende te worden. Staten die dat niet accepteerden, konden 'regime change' tegemoet zien, door middel van bommen en desnoods invasie en bezetting.
De hele strategie werd ingekleed als kruistocht voor vrijheid en democratie. Maar de kern ervan was het idee dat als de VS de macht had over de olie, de VS daarmee een enorme extra macht in de hele wereld verwierf. Elf september 2001 was deels een wereldwijd zichtvbare aantasting van die oppermacht, een dreun die gewroken moest worden om de Amerikaanse oppermacht te herstellen en te onderstrepen. Maar 11 september 2001 was vooral ook het vrijwel ideale voorwendsel om de hele neoconservatieve strategie op volle toeren te laten draaien, onder het voorwendsel van een 'oorlog tegen terrorisme'. Ruhul Mahajan prikte al in maart 2002 - na de oorlog in Afghanistan, maar ruim vóór de aanval op Irak - veel sprookjes rond die oorlog door in "New Crusade: The U.S.War on Terror" in de Monthly Review van februari 2002.
Vanuit die strategie pakte de VS eerst Afghanistan aan - deels als vergelding voor 11 september, deels om proef te draaien voor de oorlog tegen Irak, deels om militaire invloed te versterken precies tussen het Midden-oostenm Centraal-Azië en de komende vijand China in. Daarna was Irak - boordevol olie - aan de beurt. En nu is het doelwit Iran - die andere grote oliestaat in het gebied, en de laatste grotere macht die zich tot nu toe weigert te onderwerpen aan de oppermacht van de Verenigde Staten.
Het is één grootschalig ambitieus project dat de machthebbers aldaar nastreven. Opgeven is in hun ogen vrijwel ondenkbaar, halfslachtig doormodderen onwerkbaar. Dan rest slechts escalatie - in de vorm van de 'surge' van 30.000 extra militairen naar Irak begin dit jaar, maar ook richting Iran. Ja, dat is gekkenwerk, naar de maatstaven van verstandige en niet geheel afgestompte mensen. Maar het heeft zijn eigen brute rationele logica - die van de winst en die van de heerschappij. Die brute logica brengt binnenkort bommenwerpers en raketten richting Iran - tenzij we ze tegenhouden.
Het feit dat de strategie tot nu toe niet tot de geplande succesvolle pro-Westerse staten in Afghanistan en Irak heeft geleid is ook al geen reden om te verwachten dat de VS geen oorlog tegen Iran zullen beginnen. Allereerst vanwege het al geschetste vlucht-vooruit-verhaal. Maar er is meer. Ja, de VS had graag gezien dat de 'regime change'- operatie in die landen tot zulke stabiele, werk- en plooiibare staten hadden geleid. Maar als dat niet lukt, blijft er een tweede prioriteit recht overeind staan: voorkomen dat zulke landen stabiele werkbare maar niet-plooibare machten vormen.
Als Irak dan geen pro-westerse liberale staat kan worden, dan is vervolgens alles beter dan dat het een anti-westerse stabiele sterke macht wordt. Dat is de achterliggende logica. Liever rokende puinhopen in Bagdad, Basra en Fallujah dan een zelfstandige wederopbouw van een staat die zich aan de Amerikaanse hegemonie onttrekt.
En als de VS niet profiteert van de Iraakse olie en de Afghaanse pijpleidingstrajecten - dan de rivalen China en Rusland zeer zeker ook niet. Voortgezette chaos en oorlog in de regio zijn de tweede keus voor de VS, minder optimaal dan stabiele pro-Westerse staten daar. Maar zelfs die tweede keus is voor de Amerikaanse machthebbers veruit te verkiezen boven zelfstandige ontwikkeling, al dan niet gecombineerd met groeiende invloed voor de rivalen van Amerika in zulke landen.
Aan een permanente chaotische oorlogstoestand valt ook nog grof te 'verdienen' - door wapenindustrie, huurlingenbusiness en allerlei andere ondernemers zoals Haloiburton. Als in die chaos ook Iran gestort zou worden, dan zouden ook daar weer vrienden van het Witte Huis een slaatje uit slaan. Belangrijker: het vooruitzicht van zulke chaos zal degenen die op oorlog aansturen, op zichzelf bepaald niet weerhouden.
Als het bovenstaande hout snijdt, dan stuurt het Witte Huis aan op een oorlog die, in hun termen, rationele en zeer zwaarwegende doelen dient. Het gaat feitelijk om de strijd om hegemonie, om wereldmacht. Van die strijd maakt het onder Westerse overheersing brengen van Iran een wezenlijk deel uit. Het lijkt mij daarom voor tegenstanders van oorlog, en van Amerikaanse overheersing sowieso, rationeel om ervan uit te gaan dat die aanval op Iran er, wat betreft de Amerikaanse machthebbers, inderdaad gaat komen.
(wordt vervolgd)
Geplaatst: "Progressieve ex-moslim wijst comité af"
Progressieve ex-moslim wijst comité af
Ehsan Jami spreekt niet namens alle ex-moslims, betogen Peyman Jafari en Behnam Taebi. Jami brengt de islam met terrorisme in verband en voedt de hetze tegen moslims. Progressieven moeten zich van zijn comité distantiëren.
In de afgelopen weken hebben tientallen bekende Nederlanders een brief gekregen met de oproep zich aan te sluiten bij het Steuncomité ex-moslims. De brief is ondertekend door bekende islam-bashers zoals Afshin Ellian, maar ook door progressieven zoals hoogleraren Jos de Beus en Arjo Klamer. Bewust van hun islamofobe gezelschap, beweren ze met de steun aan Jami's Comité van ex-moslims slechts op te komen voor het recht op geloofsafval. Dit is een ongelooflijk
naïeve bewering, die in de praktijk het neoconservatieve wereldbeeld versterkt waarin moslims de 'westerse beschaving' zouden bedreigen. In de publieke opinie zal immers nauwelijks een onderscheid gemaakt worden tussen dat wereldbeeld en dat van Jami's comité.
Ten eerste wordt de oprichting van Jami's comité gekleurd door een
specifieke context – stigmatisering en vernedering van moslims in woord en daad. Wie het kan opbrengen om de wereld vanuit de ogen van moslims te bekijken, zal zien dat het elke dag mokerslagen regent op een hele bevolkingsgroep. Sinds de aanslagen van 11 september worden moslims uitgemaakt voor 'geitenneukers', 'pooiers van de profeet', 'criminelen' en 'terroristen'. Hun scholen en moskeeën
zijn regelmatig het doelwit van bekladding en brandstichting, zoals recentelijk in Haarlem. En in het dagelijkse leven en op de arbeidsmarkt krijgen ze steeds vaker met discriminatie te maken.
Dan zijn er ook nog de uitspraken van Ehsan Jami zelf die naadloos
aansluiten bij deze ontwikkeling. Hij hanteert de retoriek van de 'oorlog tegen terrorisme' door de profeet Mohamed met Osama Bin Laden te vergelijken. En om er geen misverstand te laten bestaan over zijn politieke agenda, kiest Jami 11 september voor de presentatie van zijn comité. Daarmee roept hij het beeld op van de islam als een religie die aanzet tot terreur tegen het Westen.
Om die reden wordt Jami op handen gedragen door de hofhouding van Ayaan Hirsi Ali. Jami zet nu zijn eerste stappen in haar voetsporen die via de denktank American Enterprise Institute naar de spelonken van de
neoconservatieven in het Witte Huis leiden. Zijn gids is niemand anders dan Afshin Ellian die zich opwerpt als de verdediger van de 'westerse cultuur' tegen het 'islamofascisme'. Tot Jami's grote vreugde heeft ook Geert Wilders zijn steun uitgesproken.
Progressieve steun voor het Comité van ex-moslims is kortzichtig, nu de neoconservatieven het recht op geloofsafval voor hun politieke kar hebben gespannen. Als ex-moslims komen we op voor het recht om de islam te verlaten zonder geconfronteerd te worden met bedreiging of geweld. Echter, de manier waarop Jami voor dit recht zegt te willen opkomen, werkt contraproductief. De sociale spanningen waarmee individuele keuzes over religie soms gepaard gaan, worden door de hetze tegen moslims alleen maar opgevoerd. Daarom willen we ons
juist als ex-moslims publiekelijk uitspreken tegen het initiatief van Jami en Ellian en ons inzetten voor dialoog en samenwerking met moslims. Daarbij hebben we geen enkele angst om ons als 'openlijke islamverlaters' te afficheren, ook al gaan we liever door het leven als wat we zijn dan wat we zijn geweest.
In hun verklaring beweert het Steuncomité dat in het Westen een 'trend' van geweldstoename tegen ex-moslims merkbaar is. Als bewijs voeren ze 'de zeer geringe aantallen openlijke islamverlaters' aan. Voor ons en veel andere ex-moslims is er simpelweg geen noodzaak voor de oprichting van een comité, nog minder voelen we de drang om muren op te trekken tussen onszelf en onze familieleden, vrienden en kennissen. Veel ex-moslims willen ook terecht geen munitie leveren voor de anti-moslimhetze van de neoconservatieven.
Progressieven die steun werven voor het Comité van ex-moslims zijn niet alleen naïef, maar ook hypocriet. Jami, Ellian en Wilders bevorderen niet de vrijheid van religie, maar ze creëren een klimaat waarin moslims hun godsdienst niet vrij van angst en discriminatie kunnen beleven. Tegen deze tsunami van islamofobie hebben we nooit iets van de ondertekenaars gehoord. En ondanks hun
tirades tegen geweld wordt de wereld met hun bijdrage er niet vreedzamer op – integendeel.
Wilders is zelf het levende bewijs dat men niet in de Koran hoeft te
geloven om tot geweld op te roepen. Naar aanleiding van rellen tussen supporters van Jong Marokko en Jong Oranje pleit Wilders om in de toekomst met scherp te schieten op relschoppers.
Ook pleit Wilders voor bombardementen op Iran, een land met 70 miljoen inwoners. Na de Amerikaanse aanval op Irak in maart 2003 juichte Ellian in zijn column dat de 'vredesdemonstranten verloren hebben' en betichtte hij hen van een 'laffe houding' omdat 'ze niet weten dat elke strijd tegen tirannie slachtoffers eist'. Vier jaar later weten we hoeveel slachtoffers in Irak zijn gevallen – nu meer dan 650.000 volgens The Lancet.
Door moslims als een bedreiging voor de 'westerse beschaving' af te
schilderen voeden de neoconservatieven niet alleen het categorisch discrimineren van moslims, ze zoeken ook naar een ideologische rechtvaardiging voor de gevoerde oorlogen in het Midden-Oosten en nieuwe oorlogen die aanstaande zijn. Het zou pas van lef getuigen als progressieven hun selectieve verontwaardiging opzij leggen en de strijd aanbinden met die politiek die in het Midden-Oosten honderdduizenden slachtoffers maakt en nieuwe rekruten werft voor fundamentalisten. De progressieve strijd voor universele waarden als vrijheid en gelijkheid is niet gebaat bij de valse notie dat al het kwade uit de islam
voortvloeit en al het goede uit het Westen. Een beter startpunt is het antwoord van Gandhi toen een journalist hem vroeg wat hij van de 'westerse beschaving' vond. Hij antwoordde: „Het zou een goed idee zijn."
Peyman Jafari is politicoloog en Behnam Taebi doceert techniekfilosofie aan de TU Delft. Op maandag 10 september bezoeken ze met een delegatie van ex-moslims een moskee in Amsterdam en gaan ze in gesprek met de voorzitter van de Vereniging van Imams in Nederland.