maandag 9 april 2007

Justitie treitert Holleeder

Het is niet mijn gewoonte om te berichten over de rechtszaken waarmee het Openbaar Ministerie in Nederland georganiseerde misdaad denkt aan te pakken. Ik volg het niet in detail, en de nogal sensationele berichtgeving over afrekeningen tussen criminelen, snelle advocaten, hooghartige aanklagers, verveelde rechters en gehaaide verslaggevers vormt een spektakel dat maar al te vaak afleidt van belangrijker zaken.

Er staat ook niets wezenlijks op het spel, op het eerste gezicht. Het is een strijd tussen ondernemers onderling, in feite. Aan de ene kant de ondernemers - vastgoedmagnaten, drugshandelaars, pornobazen - die in hun jacht op winst de wet aan hun laars lappen, elkaar afpersen, de belasting grootschalig ontduiken en als de concurrent te lastig wordt een killer inhuren. In feite gaat het hier om zeer doortastend neoliberalisme: concurreren tot iedere prijs.

Aan de andere kant de staat die, feitelijk namens ondernemers die minder illegaal opereren, aan de illegale praktijken van mafiosi paal en perk probeert te stellen en zich tegelijk naar voren schuift als Handhaver van Recht en Orde in de Ogen des Volks. Legale ondernemers gezamenlijk, via hun staat, aan de ene kant; illegale ondernemers, ieder voor zich, aan de andere kant. Daar komen processen tegen topcriminelen feitelijk op neer. Het is een onderwerp dat ik doorgaans gaarne aan naamgenoot R. de Vries overlaat.

Zo verkeerd als het is om een Holleeder als een soort rebel of volksheld te zien, zo verkeerd is het om het Openbaar Ministerie te zien als onberispelijk fatsoenlijk. Immers, de orde die de staat, en dus het OM, hooghoudt, is bij uitstek een ondernemersorde, een orde waarin vooral de rijken goed gedijen en de wet naar hun hand zetten.

Legaal is niet hetzelfde als sociaal, en de verdediging van de huidige legaliteit zoals het OM dat doet, verdient bepaald niet bij voorbaat steun. Tussen mafiosi en OM valt wat mij betreft doorgaans bitter weinig te kiezen: het ene stuk kapitalisme bevecht een ander stuk kapitalisme. Ze doen maar, onze tijd komt nog wel.

Maar soms verschuift deze lood-om-oud-ijzer-benadering. Soms valt er wel degelijk partij te kiezen. Soms gaat justitie, in haar pogingen om mafiosi veroordeeld te krijgen, zodanig over de schreef dat protesteren nodig is. Daarvan is momenteel in de zaak tegen Holleeder overduidelijk sprake.

Over de zaak zelf ben ik kort: ik weet er te weinig van, en voor waar het me nu om te doen is, doet dat er weinig toe. Holleeder is vastgoedmagnaat, wordt verdacht van afpersing en wordt ook genoemd als opdrachtgever voor liquidaties in het criminele milieu. Geen fraai exemplaar van de menselijke soort, ook als de verdenkingen niet zouden blijken te kloppen. Maar van lui die geldvergaren tot hoogste norm verheffen verwacht je niet echt anders. En geldvergaren functioneert in deze maatschappij zo ongeveer als hoogste norm. Kijk maar hoe topmanagers zichzelf belonen, en hoe het kabinet weigert daar iets tegen te ondernemen. "Graaitax afgewezen" , stelt Jan Marijnissen vast. Hij concludeert: "Dit kabinet doet niets om de topinkomens in de private sector tegen te gaan." Inderdaad. Een plus voor Jan, na de Dikke Vette Min die hij vorige week over zich afriep.

Met zo'n kabinet kunnen de supergrote ondernemers zich best aan de wet houden: ze kunnen immers vrijwel ongehinderd hun eigen inkomens vaststellen. Wie dat normaal vindt, moet niet verbaast zijn dat hebzucht, ongebreidelde hebzucht, hoogste norm in hoge kring is. En waar hebzucht de hoogste norm is, krijg je vroeg of laat Holleeders die deze inhaligheid om wetsoverschrijdende wijze uitleven.

Geen aangenaam individu dus ongetwijfeld, deze mijnheer Holleeder. Maar dat rechtvaardigt op geen enkele manier de behandeling die hij de afgelopen dagen te verduren kreeg. Hij werd om drie uur s nachts uit zijn cel in Vught gehaald, om dan met een ingewikkelde omweg naar de rechtbank in Amsterdam te worden gebracht. Pas zeer laat op de dag ging hij dan weer terug naar Vught. En dat dag na dag.

Binnen een week ging dat mis. Op donderdag 5 april werd Holleeder tijdens de rechtszitting niet goed. Op maandag 9 april werd hij naar een ziekenhuis gebracht. verhoogde bloeddruk, verhoogde hartslag, uitputting. "Holleeder gaf zelf aan dat het transport van de Extra beveiligde Inrichting (EBI) in Vught hem uitputte. Deze transporten geschiedden voor dag en dauw, waardoor bij Holleeder slaapgebrek zou zijn ontstaan" , zo meldt de NRC.

Ja, dit getreiter verbleekt bij de behandeling die bijvoorbeeld vluchtelingen ondergaan. En de EBI is geen Guantanamo Bay. Maar getreiter door het gezag moeten we afwijzen, hoeveel weerzin het slachtoffers ervan ons ook mag inboezemen. Als de autoriteiten van Ondernemersland Nederland dit soort pesterij kunnen doen met iemand die uiteindelijk op vele punten één van hun is, een mede-ondernemer die uit de pas loopt - hoeveel verder zullen ze dan durven te gaan tegen mensen zónder geld, zónder dure advocaat die dit machtsmisbruik kan aanklagen?

We moeten dan ook tegen de slechte behandeling die Holleeder kennelijk krijgt, stelling nemen - niet uit sympathie voor de vastgoedmagnaat, maar uit democratische zelfverdediging. Vandaag doen ze het met hem. Morgen doen ze ergere dingen met ons - als we ze hun gang laten gaan.

zondag 8 april 2007

Dag van schande in Oss (deel 2)

De nazi-optocht van de Nederlandse Volks Unie (NVU), waar ik gisteren over berichtte, is door de burgemeester toegestaan omdat hij geen juridische mogelijkheden voor een verbod zag. Curieus genoeg vindt hij hierin Anti Fascistische Actie (AFA) aan zijn zijde. AFA berichtte op 7 april: "het is juridisch onmogelijk om NVU demonstraties te verbieden." Argumentatie ontbreekt. Wel roept AFA de gemeente op om strafbare uitingen van racisme aan te pakken; AFA spreekt van "het stelselmatig karakter van racistische en antisemitische (en dus strafwaardige) uitingen tijdens demonstraties van de NVU". Welnu, als "strafwaardige" op NVU-optochten een "stelselmatig karakter" hebben, maakt dat de NVU-mars dan zelf niet "strafwaardig"?

Mij lijkt, zoals ik gisteren al schreef, dat een verbod op de NVU-optocht wel degelijk mogelijk was geweest. Het is een kwestie van politieke wil, zowel bij burgemeesters als bij rechters die bij eerdere gelegenheden een poging om dit type optocht te verbieden van tafel veegden. Gemeentebestuurders en rechters maken hier een politieke, en geen puur-juridische keus. Ze accepteren nazi-marsen als legitiem onderdeel van het politieke gebeuren, in plaats van zulke uitingen te behandelen als politiek gangsterisme, wat het feitelijk is.

Maar zeggen dat een verbod best te doen valt, is niet hetzelfde als daadwerkelijk oproepen tot zo'n verbod. Voor links, voor antifascisten, is het vertrekpunt niet zozeer het Wetboek van Strafrecht, maar de politieke principes die links verdedigt - of dient te verdedigen. Het gaat daarbij om het verdedigen van gelijke rechten, van maximale democratische speelruimte ook waarmee arbeiders en onderdrukte groepen hun rechten kunnen verdedigen. Het gaat om democratische machtsvorming van onderin de maatschappij tegen een gevestigde orde waarmij een kleine top heerst over de rest van de maatschappij. Die gevestigde orde, waarbinnen die bovenlaag domineert over ons, is verweven met de staat, dat lichaam dat ordehandhaving tot hoogste doel heeft. Links staat tegenover die orde, tegenover die bovenlaag en ook tegenover de daarmee verbonden staat.

Daarom is het op zijn minst problematisch om kopstukken uit die orde - burgemeesters, rechters - op te roepen om onderdelen van hun staat - politie, rechtbanken, gevangenissen - in te zetten tegen nazi's. Zelfs als burgemeester en politie aan dit verlangen tegemoetkomen dan nog bereiken we een tijdelijke tegenslag voor nazi's tegen en erg hoge prijs: versterking van de bevoegdheden van de staat, versterking ook van het antifascistische, democratische krediet van die staat in de ogen van mensen. Op het hanteren van die bevoegdheden heeft links vervolgens geen wezenlijke controle.

Dat betekent dat we onze tegenstander, de staat, helpen zich te versterken - vroeg of laat ook tegenover links. Staatsfunctionarissen en politici zullen het precedent van een verbod op een nazi-mars maar al te gemakkelijk misbruiken om ook demonstraties van links, arbeidersacties en dergelijke te verbieden. dat verbod treft dan des te makkelijker ook straatactiviteiten tegen nazi's. Zo kan een oproep tot verbod van nazi-marsen op termijn juist antifascisten het leven zuur maken.

Zozeer de staat haar profijt kan doen met een verbod van nazi-activiteiten, zozeer ondermijnt die oproep de wezenlijke kracht van antifascistische politiek: vertrouwen in de solidariteit van mensen aan de onderkant, zelfvertrouwen van mensen om zelf tegen nazi's in actie te komen. Immers, als de staat het voor ons oplost, als de burgemeester verbiedt en de politie handhaaft, kunnen wij op ons gemak thuisblijven. Dat leidt tot een valse geruststelling, met grote risico's. Wat immers als opeens een burgemeester een nazimars niet verbiedt? Wat als een verbod door de politie slechts halfslachtig wordt doorgezet? Wat als nazi's voldoende kracht weten te vergaren om een verbod te trotseren en toch één van hun intimiderende marsen te houden?

Kern van een serieuze strategie tegen nazi's is: vertrouwen op de kracht van onszelf, van elkaar. Precies dat zelfvertrouwen wordt ondermijnd door naar boven te kijken, naar gezagsdragers en hun geüniformeerde dienaren. Daarom is oproepen tot een verbod niet slim. Hetzelfde bezwaar geldt ook de oproep van AFA aan politici en politie in Oss om "zich voor te bereiden op het handhaven van de antiracisme wetgeving tijdens NVU-demonstraties" . Ook dat is een teken van naar boven kijken, de oplossing van hogerhand te verwachten - een hogerhand dat onze bondgenoot niet is.

Wat dan wel? AFA koos ervoor om deze keer geen tegendemonstratie te organiseren. "We verwachten niet dat de aanhang van de NVU verder groeit" , aldus een woordvoerder van AFA volgens nieuws.nl . Ik ben daar niet gerust op, en ik denk dat juist een zeer stevig tegengeluid op straat nodig is om te zorgen dat die verwachting ook werkelijk uitkomt. Nazi's horen niet ongestoord te kunnen marcheren; dit soort marsen zijn opstapjes naar verder gaande intimidatie, een stukje verovering van de straat als opstapje naar verovering van de staat. Het is niet aan burgemeester en politie, maar allereerst aan een brede antifascistische beweging om ontwikkelingen in die richting tegen te werken. Tegendemonstraties horen daarbij, en het uitblijven ervanzal de nazi's een volgende keer alleen maar minder bevreesd maken.

Het is wel zaak om te zien wat voor soort tegendemonstraties wel en niet zinnig zijn. Het gebruikelijke patroon van AFA-acties is helaas: een handvol mensen uit een handvol steden gaat naar de plaats des nazi-onheils en houdt daar een tegendemonstratie die nauwelijks groter is dan de nazi-mars zelf. Voor een groot deel van de mensen ziet dat eruit als extreem-links tegen nazi-rechts, de ene potentiële knokploeg tegen de andere, Palestijnensjaals tegen Lonsdale, Che Guevara tegen Rudolf Hess. Links zal er alles aan moeten doen om deel te zijn van, en aanzet te geven tot, iets veel breders. En als je ziet aankomen dat een tegendemonstratie bovengenoemd beperkt resultaat en uitstraling heeft, dan is het beslist zinnig om een keertje over te slaan - en energie te steken in het doorbreken van het isolement waarin AFA, en radicale antifascisten sowieso, zich in bevinden.

Hoe het wel kan werd enige tijd geleden zichtbaar in Doetinchem. Daar marcheerde op 24 februari ook al de NVU. De rechtbank verbood een aangekondigde tegendemonstratie. Honderdvijftig jongeren uit de plaats zelf trotseerden de grootschalig aanwezige oproerpolitie en lieten hun woede en weerzin tegen de nazi-mars blijken. De politie arresteerde zestig van deze dappere mensen, en verdedigde daarmee feitelijk nazi's tegen antifascistische jongeren. De gang van zaken is na te lezen via Indymedia.

Dit plaatselijke activisme, deze op straat tastbare antifascistische woede die Doetinchem tot een inspirerend woord in de strijd tegen fascisme maakt - dat is wat zo pijnlijk ontbrak in Oss (vrijwel althans, zo bleek na eerste plaatsing van dit stuk; zie voetnoot 1.). Dat is des te schokkender, aangezien Oss een rood bolwerk is, de plaats immers waar de SP supersterk is. En waar de NVU die SP expliciet tot doelwit van haar provocatie maakt (zie mijn stuk van gisteren) zou je denken dat de SP krachtig tegengeluid helpt organiseren. Waarom geen oproep aan leden, sympathisanten en wie het maar wil horen om zich langs de route van de optocht te verzamelen en de nazi's een hoogst onwelkom gevoel te geven?

Maar nee, niets hiervan. Via de website van de SP-afdeling ter plekke vond ik op het weblog van Lilian Marijnissen één stukje voorafgaande aan de NVU-mars. Daarin zegt dit SP-gemeenteraadslid over de NVU-opvattingen dat ze "niet kan begrijpen dat iemand die (...) nog serieus genomen worden" , om vervolgens doodleuk vast te stellen: "De gemeente Oss heeft duidelijke voorwaarden gesteld (...) en de NVU heeft die netjes op haar site geplaatst en roept iedereen op hieraan mee te werken." Dat laatste is gewoon een compliment aan de nazi's wegens voorgenomen goed gedrag!

Direct na afloop van de NVU-mars hielden gemeentelijke politici een symbolische actie tegen de nazi's: ze veegden de straten van de route schoon. Daaraan deden volgens de plaatselijke SP-website "vertegenwoordigers van bijna alle politieke partijen uit de Osse gemeenteraad" mee, waaronder "vrijwel de complete SP-fractie en de SP-wethouders Iding en Ermers" mee. Dat de SP zich alsnog liet horen tegen de NVU is goed, al is het zowel te laat als te beperkt.

Maar door het samen met een zo breed front van de gevestigde politiek te spelen geef je gen goed signaal af. Nazi's parasiteren immers op onvrede en frustraties tegenover de gevestigde politiek. Die frustraties hebben oorzaken, mensen hebben gelijk dat ze boos zijn op een gevestigde orde waar die politiek deel van uitmaakt. Links, en dus de SP, zou die woede een goede richting moeten helpen geven, zodat de foute richting van de NVU tenminste niet de enige actieve richting is. Maar als linkse politici zich opstellen als deel van de gevestigde politiek wordt het makkelijker voor nazi's om de woede tegen die politiek des te meer een rechtse draai te geven.

Het model-Oss, met zijn braafheid, zijn passiviteit jegens de NVU en zijn gerichtheid op de officiële politiek, inspireert niet. Geef mij maar het model-Doetinchem, met zijn boze jonge mensen die nazi's en politie trotseren en daarmee een antifascistisch voorbeeld gaven dat navolging verdient.

(1) Pal nadat bovenstaande online stond kreeg ik informatie van een dappere antifascist die in Oss rondgekeken heeft tijdens de nazi-mars. Hij wees erop dat er wel degelijk jongeren - rond de veertig, volgens hem - tegen de nazi's tekeer gingen. Aan het hele beeld dat ik hierboven schets verandert dan niet veel, en aan de nalatigheid van de SP om dit soort woede tegen nazi-optochten te helpen organiseren verandert het helemaal niets. (deze noot is gewijzigd op 13 april 2007)

zaterdag 7 april 2007

Dag van schande in Oss (deel 1)

Zaterdag 7 april is een dag van schande geworden. Een kleine honderd nazi's marcheerden - met toestemming van de plaatselijke autoriteiten - door Oss. Oppositie in enige serieuze vorm was in geen velden of wegen te bekennen. En dat in een plaats die bekend staat als bolwerk van de SP, thuisbasis van Jan Marijnissen. Treurig is het, en gevaarlijk ook.

Eerst kort de aanloop en de gebeurtenissen zelf. Op 31 maart viel op Indymedia te lezen: "NVU zaterdag naar Oss" . Met daaronder het zinnetje: "a.s. zaterdag marcheren de neo-nazi's weer de Nederland, deze keer moet Oss het bezuren." Bron was een nazi-forum op internet. De NVU staat voor Nederlandse Volks Unie, een al vele jaren bestaand nazi-partijtje waar momenteel Constant Kusters mee denkt te scoren als leider-in-spé.

Op 6 april bracht Anti Fascistische Actie (AFA) een bericht uit waarin ze wees op het nazi-karakter van de komende optocht en de deelnemers eraan. AFA voegde toe; "het is juridisch onmogelijk om NVU demonstraties te verbieden". AFA vroeg tenslotten de politiek van Oss om erop toe te zien dat de antiracisme-wetgeving op de mars goed gehandhaafd zou worden en stuurde de gemeente een lijst met kennelijk te verwachten verboden symbolen, zoals hakenkruisen.

Inderdaad gaf burgemeester Herman Klitsie toestemming aan de NVU voor hun optocht, "met pijn in de buik. Bij uitingen van racisme grijpen we meteen in" , aldus een bericht in het Brabants Dagblad op 7 april zelf. En inmiddels is de optocht achter de rug.

Zoals gezegd liepen er een kleine honderd fascisten mee, waaronder enkele tientallen "nationaal-socialisten" uit Duitsland. De nazi's hadden een pseudo-linkse invalshoek gekozen: ze protesteerden tegen "casino-kapitalisme" en "hebzucht" , zo beweerden ze.

Maar hun wezenlijke motieven bleven niet verborgen: Oss was, als plaats waar de SP zo sterk is, doelbewust gekozen. "De NVU was kwaad om de steun die de SP gaf aan het generaal pardon", aldus het Brabants Dagblad. Kusters riep tevens dat "idioten" geen kinderen meer mochten krijgen - en rekende Marijnissen onder dat scheldwoord. Tegelijk dus een aanval op vluchtelingen èn op links door juist SP-aanvoerder Marijnissen aan te vallen en hem mede het generaal pardon voor mensen die jaren op een beslissing rond hun asielaanvraag moesten wachten te verwijten. Ook jammerde Kusters nog wat over het "blanke ras" waarvan het "overleven (...) op het spel" zou staan. Het nazi-sfeertje was evident.

De politie pakte uiteindelijk 30 mensen op, nam spandoeken in beslag "omdat deze volgens de politie te veel geassocieerd konden worden met het nationaal-socialistische gedachtengoed" , meldt De Volkskrant. "Om 15.00 uur heeft de politie wel demonstranten aangesproken op het dragen bijvoorbeeld een hakenkruis" , meldt nieuws.nl.

Inmiddels is de naargeestige vertoning achter de rug. Maar Kusters kondigde volgens nu.nl aan dat hij over twee maanden een nieuwe optocht met zijn club wil houden en intussen wil hij "alle beperkingen die burgemeester Herman Klitsie van Oss de NVU oplegde aanvechten bij de rechter." Er komt zeker een een vervolg, in Oss of - als Kusters' voornemens daar bluf blijken - elders. En dan moeten tegenstanders van racisme en fascisme beter voorbereid zijn, want het gebrek aan tegenstand van linkse kant was beschamend.

Laten we eens kijken hoe de nazi-mars dan wel had kunnen worden tegengewerkt. De burgemeester zag geen juridische mogelijkheden om de NVU-actie te verbieden. Dat lijkt mij onzin. Als de autoriteiten ook maar een deel van de spitsvondige vindingrijkheid tegen de nazi's hadden ingezet die tegen radicalisering onder Moslims, of bijvoorbeeld tegen de Hell's Angels in stelling wordt gebracht, dan hadden ze er echt wel iets op gevonden.

Zo'n verbod had gekund, zonder wezenlijke grondrechten aan te tasten, en zonder de te verwachten "wanordelijkheden"als excuus voor een verbod aan te grijpen. "Wanordelijkheden" liggen op de loer bij elke voetbalwedstrijd, elk popconcert, elke demonstratie, en in elke binnenstad als het uitgaansavond is. Overal waar grote groepen mensen samen zijn kun je "wanordelijkheden" verwachten.

Dat feit aangrijpen om een nazi-optocht te verbieden schept alleen maar een gevaarlijk precedent, het geeft het gezag een handvat om alles wat ze niet bevalt op het gebied van "samenscholingen" te verbieden. De ervaring leert dat de autoriteiten in deze maatschappij die bevoegdheid vooral zullen inzetten tegen protest van links, verzet van arbeiders, en tegen uitingen van meer alternatief uitgaansleven. Die lol moeten we het gezag niet gunnen.

Nee, nazi-marsen kunnen uitstekend verboden worden vanwege het criminele karakter ervan dat inherent is aan nazi-activiteit. Dat misdadige karakter is geen bijkomstigheid, geen kwestie van een hakenkruis meer of minder. Om een fictief voorbeeld te nemen: stel, een groepering kondigt aan om in de binnenstad van Oss ruiten in te gaan gooien, brand te gaan stichten en mensen op hun gezicht te gaan slaan. Daartoe neemt de organisatie maatregelen: brandbaar materiaal, stenen, knuppels zijn voorradig. De leden van de organisatie worden uitgenodigd zich op een bepaalde plek te verzamelen om vervolgens samen op stap te gaan en hun agressie op bovengenoemde wijze uit te leven.

Anders gezegd: de leden van zo'n groepering komen samen om een reeks misdrijven en overtredingen te begaan, in georganiseerd verband. Natuurlijk zou de politie klaar te staan om deze hele activiteit te verhinderen en de deelnemers eraan desnoods op te pakken. Natuurlijk zou een burgemeester aankondigen dat zo'n activiteit niet toegelaten zou worden. Dit soort activiteit valt immers niet onder de vrijheid van meningsuiting, maar onder het verbod op vandalisme, brandstichting en openlijke geweldpleging.

Tot zover het verzonnen voorbeeld. Nu de NVU-mars. Die is in feite eveneens inherent misdadig. Nazi-politiek is het georganiseerd bedreigen van hele bevolkingsgroepen - en gezien het verleden betekent dit: bedreigen met genocide. Nazi-politiek is het georganiseerd intimideren van andersdenkenden, ter voorbereiding van een nieuwe dictatuur. Nazi-politiek is het ten diepste beledigen van nabestaanden van de Holocaust, overlevenden uit de nazi-concentratiekampen. Bedreiging, intimidatie, grove discriminatie, belediging - het valt niet onder de vrijheid van meningsuiting, het zijn overtredingen en misdrijven, met een levensgevaarlijke strekking. Zoveel historisch besef zal ook de burgemeester van Oss toch nog wel hebben?

Een optocht verbieden op inhoudelijke gronden, op grond van het feit dat de essentie ervan bestaat uit een reeks criminele daden lijkt mij juridisch zeer goed te realiseren. Het niet verbieden ervan in Oss door het gezag is een keuze, geen noodzaak. Maar het feit dat een verbod mogelijk is, en dat daar goede redenen voor zijn ook, betekent nog niet dat het aandringen op een verbod een verstandige strategie is. Daarover, en over andere mogelijkheden tegenover nazi-marsen, in een vervolgstuk nog wat meer.

donderdag 5 april 2007

Extra plus voor extra paspoort, en andere hoopvolle signalen

Wilders en zijn agressieve politiek beginnen her en der op stevig tegengeluid te gooien. Ook degenen die naar rechts uitglijden en deels tegemoetkomen aan nationalistische obsessies krijgen de wind van voren.

Zo kreeg Jan Marijnissen na zijn kwalijke "dikke extra plus" waarmee hij het afstand doen van een tweede paspoort graag beloond zag, in zijn inmiddels terecht beruchte Telegraaf-interview, tot nu toe maar liefst 1077 reacties, waaronder heel veel mensen uit SP-kringen zelf zelf die het er helemaal niet mee eens waren dat Marijnissen zo meegeeft met de gure loyaliteitswind. Binnen de SP zit duidelijk links en antiracistisch leven, zo blijkt. Dat stelt paal en perk aan de ruimte die Marijnissen heeft voor zijn, op dit punt niet bepaald linkse, geluid.

Prominent wapen van de tegenstanders van het hatelijke racisme waarmee wilders tracht te scoren: argumenten, een beroep op elementaire menselijke verbondenheid en gelijkwaardigheid en - humor. Het prachtigste initiatief kreeg ik vandaag onder ogen (dank, Miriyam!): het "gastvrije en hartelijke Anderland" biedt iedereen een extra paspoort aan. Immers: "Een paspoort van Anderland is een dikke extra plus!" Het tweede en derde punt uit de loyaliteitsverklaring die je daartoe kunt ondertekenen:

"Ik verklaar dat alle mensen wereldburgers zijn.
Ik verklaar dat ieder mens tegelijk loyaal kan zijn aan één land."

De vraag waar dat Anderland dan wel ligt krijgt als antwoord: "Het is niet op een kaart te vinden, maar het is overal waar u het zoekt: bij de overburen, op de Maan, achter het glas van uw computerscherm, of in uw eigen hoofd. Anderland staat voor de hoop op een betere wereld." Andersland zoekt "een tsunami aan nieuwe burgers." Op het moment dat ik dit intik staat de teller van mensen die zich daartoe hebben aangemeld op 1605.

Anderland heeft "geen inburgeringsplicht. Het is voldoende als u het eens bent met de loyaliteitsverklaring." Van een officiële taal is geen sprake en "er is ook nauwelijks een overheid. Iedereen in Anderland spreekt de taal die hij (opm. Rooieravotr: en zij, mag ik aannemen) zelf wil, en toch begrijpt iedereen elkaar. Hoe dat kan is niet helemaal duidelijk", zo lezen we bij de veelgestelde vragen.

Je kunt ook, als je je aanmeldt, een reactie achterlaten. Een aantal staat op de site. Daar zitten prachtige tussen. "Eindelijk een Koerd met een eigen paspoort en een eigen land" , bijvoorbeeld, en "ik voel me nu al thuis". Ook stelt iemand al voor om een "ferm, niet hartsnellerkloppend niet te kort volkslied wat makkelijk mee te zingen is" op de site te zetten. "Wellicht kunnen alle burgers van Anderland dit lied inzetten op de vieringsdag van de verjaardag van de koningin van een naburig best bekend land. Dat zou de burgers van dat land moed insprekenbij hun dagelijkse strijd tegen moedeloosheid." Geweldig vind ik het. Ik heb me enkele uren geleden aangemeld en heb nu eindelijk een paspoort waar ik enigszins trots
op kan zijn.

Heel anders van toon is de website "Samen Verder?" Wie die opent krijgt "Dreaming of a world" van Tracey Chapman te horen, plus de oproep: "Stop de hetze tegen onze allochtone/ moslim broeders en zusters." Je kunt online een formulier tekenen om deze oproep kracht bij te zetten. De website heeft ook een heel nuttige nieuwsrubriek met artikelen over Wilders en wat er rond zijn hetze-politiek loskomt. Daarin valt op dat vrijwel alle berichten afkomstig zijn uit het zwaar gereformeerde Nederlands Dagblad. het doet vermoeden dat deze website uit protestants-christelijke hoek afkomstig is. Dat zou me niet helemaal verbazen, juist ook in dagblad Trouw (vergelijkbare achtergrond maar ideologisch veel opener) staan ook geregeld behoorlijk felle stukken over Wilders 'politiek.

Tenslotte is er de belangrijke web-initiatief "Tegen Haatzaaien". Op de pagina "Onze Missie" op die site stellen ze: "De verhoudingen tussen bevolkingsgroepen ij Nederland zijn er de afgelopen jaren niet beter op geworden. Als aanjager daarvan heeft vooral Geert Wilders zich de laatste tijd in de schijnwerpers geplaatst. En in wat hij in maart aan de orde stelde ging het natuurlijk niet over paspoorten en conflicterende belangen, het ging om haatzaaien tegen islamitische medeburgers. Hij sprak mensen niet aan op hun daden maar op hun achtergronden en dat is de kern van discriminatie." Even verder: "Wij hebben daarom het initiatief genomen tot het veroorzaken van tegenwind, deze website is daar het eerste voertuig van."

Veel documentatie over Wilders en wat hij losmaakt, in de vorm van een handige "Subsite voor Stukken" , waarin achtergrondartikelen en columns van bijvoorbeeld Marcel van Dam en Ed van Thijn te vinden zijn. Het initiatief komt, aldus de Volkskrant, van "een aantal Amsterdamse PvdA-leden". Ook in die partij blijkt wel degelijk niet alle linkse leven te zijn geweken. Samen met de eerder vermelde initiatieven, en de uiterst succesvolle bijeenkomst "Wat is het antwoord op Geert Wilders?" op de UvA van 18 maart waar ik gister iets over schreef, geeft het aan hoe breed en veelvormig de weerzin en weerstand tegen Wilders' racistische hetze inmiddels is.

woensdag 4 april 2007

Meningsverschil in proportie

Pepijn Brandon en Rooieravotr verschillen van mening over de analyse van het verschijnsel-Wilders, en wat een passende naam voor dat verschijnsel is. Ik spreek van fascisme, en ben een serie begonnen waar in ik aannemelijk tracht te maken dat dit terecht is: "Hoe je een fascist herkent", waarvan ik inmiddels deel 1 heb geplaatst, deel 2 en ook deel 3. Pepijn denkt daar anders over. Hij vindt het onjuist en onverstandig om in Wilders' geval van fascisme te spreken, en beargumenteert dat in "Hoe herkent Ravotr fascisten?" , zijn reactie die ik op 3 april als gastcolumn op dit weblog heb geplaatst.

Duidelijk mag hier overigens wel zijn dat Pepijns afwijzing van het woord 'fascisme' als typering van Wilders in lijn ligt met het standpunt van de Internationale Socialisten (IS) als organisatie, al zegt hij dat niet met zoveel woorden. Niet alleen is hij niet voor niets hoofdredacteur van De Socialist, en staat dat ook duidelijk bij zijn gastcolumn. Ook zul je in De Socialist en in andere uitingen van de IS in dit verband tevergeefs zoeken naar dat f-woord als typering van Wilders. Zoiets is, zoals Pepijn het zelf wellicht ook zou formuleren, geen toeval.

Ik ben niet overtuigd van zijn gelijk, maar het waarom komt in volgende weblogstukken uitvoeriger terug. Hier wil ik de gelegenheid nemen om mijn eigen rol in dit soort discussies te verhelderen. In welke hoedanigheid neem ik stelling? Pepijn en ik zijn allebei lid van de IS, met in dit geval echter een verschillende benadering van een actueel politiek vraagstuk. Hoe zit dat?

Welnu, ik schrijf hier om mijn analyse van zaken te geven, om een onderbouwde politieke mening naar voren te brengen, om de werkelijkheid te helpen doorgronden. Daarmee hoop ik een kleine bijdrage aan kritische meningsvorming te geven, in de hoop daarmee ook bij te dragen aan de broodnodige verandering van die werkelijkheid. Ik doe dat vanuit mijn overtuiging, die wortelt in het marxisme. Ik doe dat openlijk als lid van de organisatie die dat marxisme gestalte probeert te geven: de IS.

Maar ik spreek hier niet namens de IS. Wie wil weten wat de IS als organisatie vindt, kan daarvoor terecht in De Socialist, op de website van de IS, bij sprekers die namens de organisatie op bijeenkomsten spreken. En ja, als ik bij zo'n gelegenheid spreek, dán spreek ik namens de IS. Maar hier niet. Hier ben ik gewoon Rooieravotr, no more, no less.

Ja, ik ben IS-er, met grote overtuiging - maar een eigenzinnige IS-er. Doorgaans neem ik dezelfde standpunten in als de organisatie waarvan ik immers niet voor niets deel uitmaak. Ik breng daarbij eigen accenten en ingrediënten aan waar ik dat nuttig vindt. Af en toe wijkt mijn mening af van de opvatting die de organisatie uitdraagt, en soms klinkt dat meningsverschil door in mijn weblogstukken. Zo gaat dat, en ik ben er erg trots op dat ik deel uitmaak van een groepering waarin dit in alle openheid kan. Marxisten die niet hardop nadenken over de wereld en die daar niet hardop van mening over durven te verschillen - dat zijn beroerde marxisten. Zo goed als een marxistische organisatie die dit soort van hardop nadenken zou ontmoedigen haar marxistische doeleinden een slechte dienst zou bewijzen. Maar van zo'n beroerde organisatie ben ik dus geen lid, integendeel.

Tot zover is er dus geen wezenlijk probleem. Zulke problemen ontstaan pas als meningsverschillen tot wezenlijke tegenstellingen in de gevoerde praktijk, in strategie en tactiek, zouden leiden. Dit weblog is niet de plek om die discussies uit te vechten die binnen een organisatie soms uitgevochten moeten worden, al kan er wel eens iets van doorklinken alhier. Maar van een wezenlijk meningsverschil tussen Pepijn en mij in die zin, rond de aanpak die tegen het fenomeen-Wilders is vereist, is volgens mij geen sprake.

Ik kan me namelijk uitstekend vinden in de benadering die te lezen is in De Socialist: Wilders ontmaskeren als islamofobe racist, de die daarmee zijn sociaal-economische plannen - een verdere verheviging van neoliberaal afbraakbeleid - aan het gezicht onttrekt, en breed levende frustraties kanaliseert in een reactionaire richting. Met of zonder het hanteren van het woord 'fascisme' - ontmaskeren, waarschuwen en uitleggen is wat moet gebeuren, en dat is wat de IS momenteel doet.

Daarin passen ook openbare bijeenkomsten waarvan de IS mede initiatiefnemer is, zoals onlangs op de UvA. Die dragen bij aan kritische meningsvorming, aan inhoudelijk onderbouwde stellingname tegen de opkomst van Wilders' racistische politiek. Ik vind die aanpak zeer gezond.

Van de verslagen over de Uva-bijeenkomst - "Wat is het antwoord op Wilders?" - bijvoorbeeld in de Volkskrant en in universiteitsblad Folia - werd ik uitermate vrolijk. De weerklank die het debat had, de uitstraling vanhet geluid dat op deze manier tegen Wilders tot klinken wordt gebracht - het laat zien dat hoe nuttig dit soort initiatieven - breed gedragen, in alle openheid - zijn in het opbouwen van verzet tegen Wilders' politiek. Geen groter compliment voor deze aanpak trouwens dan de poging van Wilders' PVV om de bijeenkomst te laten verhinderen: hij ziet kennelijk hoezeer een effectieve en onderbouwde ontmaskering zijn politieke opmars in gevaar kan brengen.

En nee, het feit dat ik Wilders als fascist meen aan te moeten duiden wil niet zeggen dat ik dus vindt dat militante fysieke confrontaties met de PVV onverwijld op gang gebracht moeten worden, als ware de SA zelve al in aantocht. De PVV is niet de NVU of de Nationale Alliantie. Het idee dat Wilders op dit moment dezelfde bejegening verdient als Constant Kusters of Eite Homans is absurd en nimmer door mij bepleit. De confrontatie aangaan met niet-bestaande knokploegen aan Wilderszijde - mocht Pepijn bang zijn dat dàt is waar ik naartoe wil, dan hoop ik hem op dit punt enigszins te hebben kunnen geruststellen. Maar daarmee loop ik vooruit op een meer inhoudelijke repliek die Pepijns zeer welkome discussiebijdrage nog gaat krijgen.

dinsdag 3 april 2007

Hoe herkent Ravotr fascisten? - gastcolumn van Pepijn Brandon

Met groot genoegen presenteert de Rooieravotr onderstaande gastcolumn van Pepijn Brandon, hoofdredacteur van De Socialist, vertaler van "Hervorming of Revolutie" van Rosa Luxemburg en schrijver van een glasheldere inleiding bij dat klassieke werk. Pepijn, the floor is yours - repliek volgt in due time:-)

Hoe herkent Ravotr fascisten?

Net als een aantal anderen die tot nu toe op deze serie hebben gereageerd, wacht ik met spanning het vervolg af. Ook met lichte vrees, moet ik toegeven. Beginnen met de verkeerde vraagstelling leidt namelijk wel eens tot een overdreven galop in het onderzoek en modderige conclusies aan het eind.

Hoe herken je een fascist? Interessante en belangrijke vraag. Peter legt in deel 1 heel netjes uit waaraan je een fascist allemaal niet herkent. De uitleg van wat een fascist wel is, heeft hij verschoven naar een later deel, maar in deel 2 en 3 neemt Peter wel alvast een voorschot op de beoordeling van Wilders.

Rechtse populisten zijn er in de geschiedenis van het kapitalisme in alle soorten en maten. Maar fascisme is niet zomaar een vorm van rechts populisme, en ook niet zomaar een vorm van autoritaire politiek. Fascisme is een militante massabeweging van de middenklasse, die in tijden van extreme crisis (economisch, politiek, sociaal) door de heersende klasse gebruikt kan worden om buiten de normale, burgerlijk-democratische kanalen om, elke vorm van verzet van onderaf
grondig stuk te slaan.

Allerlei ideologische hulpmiddelen kunnen dienst doen om delen van de middenklasse, die geen ‘organische’ samenhang van zichzelf heeft, samen te bundelen tot zo’n massabeweging. Extreme vormen van racisme en nationalisme horen daar zeker bij. Maar precies het verschil tussen de socialistische benadering en de meeste andere vormen van analyse van het fascisme is de nadruk op de specifieke klassenbasis van het fascisme, en de functie van dit soort bewegingen in het oplossen van een crisis in de maatschappij.

Wilders is een extreme racist, een nationalist en een populist (een
doelbewust vage verzamelterm voor iemand die bereid is om een beroep te doen op krachten buiten de gevestigde politieke structuur om, om die structuur zelf onder druk te zetten of stormenderhand in te nemen). Maar waar is de militante massabeweging van de middenklasse als antwoord op de organische crisis?

Peter begint zijn analyse niet toevallig met een lange omweg langs Wilders’ ideologie – een ondergeschikte factor als we iemand tot fascist willen bestempelen. Want ook al zijn er een aantal nuttige onderzoeken die laten zien dat in de marge van Wilders’ partij ook een paar neo-nazi’s ronddobberen – dit verheffen tot een centraal definiërend kenmerk van wat Wilders aan het opbouwen is, zou geen serieuze analyse zijn maar een kinderachtige discussieertruc.

Er is in Europa in de afgelopen 25 jaar een breed spectrum gegroeid dat grofweg loopt van hard rechts of extreem-rechts populisme tot aan echt fascisme. Die laatste variant is niet de hoofdmoot, maar de uitzondering. De BNP in Engeland en de NPD in Duitsland zijn daar uitingen van. Hun zusterpartijen in Nederland zijn tot nu toe sterk gemarginaliseerd, ook al is hun groeiende zelfvertrouwen – o.a. gestimuleerd door het racisme van politici zoals Wilders - een reëel gevaar. Daarnaast is er een groot aantal (meestal veel succesvoller)
formaties dat, juist omdat de crisis niet in de buurt komt van de hevigheid die bijvoorbeeld in de jaren dertig delen van de heersende klasse naar Mussolini of de nazi’s liet kijken, balanceren tussen een ‘gewone’ extreem-rechtse vleugel voor de buitenwereld en een opbouw van hardere nazi-knokploegen in het geheim.

Zelfs bij die laatste variant kan je Wilders niet indelen. Het vraagt
misschien wat subtiliteit, maar er bestaan ook politici die niet zomaar
gevestigd rechts zijn, die een soort van dynamiek buiten de normale
parlementaire orde om proberen te bewerkstelligen, maar toch nog niet in de buurt komen van echt fascisme. In de jaren twintig bestonden er heel veel van dit soort formaties, ook in Duitsland, en pas onder druk van zware crisis en het daaropvolgende succes van de nazi’s begon een deel van deze formaties (niet alle) zich in de baan van Hitlers NSDAP te bewegen (of buiten Duitsland aan dit ‘succesmodel’ een voorbeeld te nemen). Wie weet kan ook Wilders zich in de toekomst, onder druk van de omstandigheden en opgejaagd door zijn eigen succes, nog veel verder naar rechts schuiven op dit spectrum tussen naar rechts
populisme en fascisme. Maar ik ben, net als een van de eerdere commentatoren op dit weblog, van mening dat om hem daarom nu alvast maar in te delen in de laatste categorie ‘wat veel eer’ voor hem is.

Deze discussie vormt niet zomaar een interessant historisch debat. Wilders moet ontmaskerd worden, zeggen we terecht. Hij is een racist, en hij doet zich voor als anti-establishment politicus maar is een vijand van de rechten (politiek en sociaal-economisch) van gewone mensen. Maar als Wilders een fascist was, zouden beide punten ondergeschikt zijn aan iets anders: we zouden Wilders’ beweging op straat en waar ze verder ook maar bijeen komt moeten confronteren en blokkeren, met alle mogelijke middelen, om een herhaling van Auschwitz te voorkomen.

Het bestrijden en ontmaskeren van Wilders is een belangrijke taak, waaraan we in de komende periode onze handen vol zullen hebben. Met een vergrootglas op zoek gaan naar zijn niet-bestaande knokploegen of de vermeende voorbodes daarvan is een dwaalspoor, dat het serieus bouwen aan brede anti-racistische eenheid tegen Wilders eerder in de weg staat dan bevordert.

Pepijn Brandon

maandag 2 april 2007

SP en PvdA: wedloop in opportunisme

Jan Marijnissen wordt bedànkt, met zijn kwalijke uitspraken in De Telegraaf over dubbele nationaliteit. En hij maakt het er in een handvol opmerkingen op zijn weblog niet bepaald beter op. Intussen reageert de PvdA met een woedeuitbarsting, die zelf bepaald niet van huichelarij is ontbloot. Het is een beschamende vertoning voor links, het is vooral nalatigheid jegens al degenen die onder het kwaadaardige verbale kanonsvuur van Wilders liggen.

Eerst dat Telegraaf-interview, door Marijnissen op zijn weblog neergezet alsof het iets is om trots op te zijn. Nee, hij wil niet meedoen met Wilders' grove persoonlijke aanval op staatssecretarissen Albayrak en Aboutaleb. "Als je mensen (...)zo schoffeert zoals hij gedaan heeft met de twee staatssecretarissen (...) en met het PvdA-kamerlid Arib - zeer op de persoon, hij heeft er plezier in dat te doen - dan zegt dat iets over de man en zijn ideeën." Maar hij wil mensen die zich in Nederland vestigen ook meegeven: "wij hebben een voorkeur dat u gewoon Nederlander wordt, zich aanpast, de taal leert en dat u zoveel mogelijk probeert te participeren." Dit zegt hij als bevestigend antwoord op een opmerking van de interviewer: "De problemen die Wilders aankaart zijn anders ook de zorgen van een deel van de SP-achterban."

Eigenlijk had hij er willen zwijgen over Albayrak en haar paspoort, geeft hij aan: "omdat ik niet in het kamp van Wilders en de VVD wil zitten." Goed zo! Waarom dan toch zeggen: "Ik wil ze geenszins in verlegenheid brengen, maar het zou een extra plus zijn als mensen die zo'n belangrijke taak in Nederland vervullen, dat zouden doen" (het Turkse paspoort omgeven, in het geval van Albayrak). "Om de beeldvorming. een bewindspersoon heeft een voorbeeldfunctie." Een voorbeeldfunctie in het uitstralen van een éénduidige Nederlanderschap, heel veel anders kan ik er niet in lezen. Dat staat haaks op zijn opmerking, iets eerder in het interview: "de loyaliteitsdiscussie staat hier los van" .

Maar kiezen voor dat éne Nederlandse papier, en dat andere document loslaten is toch, hoe je het ook wendt of keert: jezelf loyaal verklaren aan dat mysterieuze geval, genaamd 'Nederland'. Déze uitstraken doen, op dít moment, terwijl Wilders er zo'n hatelijk nummer van maakt - daarmee gaat hij wel degelijk enigszins mee in de door Wilders ontketende hetze, ook al doet hij dat misschien met tegenzin. Hij had ook kunnen zeggen: mensen moeten het helemaal zelf weten, het is hun eigen keus - en het daar verder bij laten.

Blijkbaar is Marijnissen geschrokken van de felle reacties die zijn opmerkingen losmaakten. Misschien - hopelijk - schrok hij ook van het feit dat Wilders er meteen insprong om naar Marijnissen's woorden te verwijzen als teken voor "groeiend draagvlak" in zijn oproep aan Albayrak om haar Turkse paspoort weg te doen. Hoe dan ook, Marijnissen gaf al snel een toelichting op zijn weblog.

Daaruit het volgende, met commentaar van mijn kant: "Als een migrant (...) kiest voor een toekomst in Nederland, en uit zichzelf kiest om zijn of haar andere nationaliteit op te geven, dan heb ik diep respect voor die moedige beslissing." Wat maakt die beslissing zo moedig dan? Gezien de felle aanval die uiterst rechts juist rond de dubbele nationaliteit ontketend heeft, vind ik het vasthouden aan die andere nationaliteit getuigen van ruggengraat, van een weigering om te capituleren voor Wilders' hetze. En wat is nu eigenlijk het probleem met het aanhouden van die andere nationaliteit, als loyaliteit er niets mee te maken heeft, zoals Marijnissen hier opnieuw stelt?

Dan herhaalt hij die "extra dikke plus" voor het afstand doen van de tweede nationaliteit, als het gaat om mensen met een "voorbeeldfunctie". "Maar ik zal het nooit aan iemand vragen, het zal altijd een beslissing van die persoon zelf moeten zijn en daar wil ik geen enkele druk op uitoefenen." Mooi hoor! Maar gezien de "voorbeeldfunctie" die ook Marijnissen zelf, als aanvoerder van een grote linkse partij, heeft, is zijn aanprijzing van het enkelvoudige Nederlanderschap al erg genoeg.

Dan gaat hij echter verder: "Ook vind ik het geen 'min' als iemand besluit die tweede nationaliteit wel te houden. daar kunnen hele goede (...) redenen voor zijn." Hier laat Marijnissen zich kennen, niet als socialist, maar als klassieke sociaal-democraat: hij wil een zo groot mogelijk deel van zijn potentiële achterban behagen, hij oefent in het behendig sparen van kolen en geiten. Wie wat meer nationalistisch is, kan zich blij maken met Marijnissen's voorkeur voor één paspoort. Maar hij wil degenen die vasthouden aan hun tweede paspoort, en zij die deze keus verdedigen, ook niet wegjagen. Meegaan met de stroom richting enkelvoudige nationaliteit, maar op een halfslachtige manier.

Dat lijkt nu wellicht een succesformule. Maar stevige nationalisten zullen, gesteld voor de keus tussen Marijnissen en Wilders, voor Wilders kiezen maar het gelijk dat Marijnissen hen gunt incasseren. Mensen die dit nationalisme terecht verwerpelijk vinden zullen zich door Marijnissen's halfslachtige erkenning van het recht het tweede paspoort te houden, niet voldoende ondersteund vinden. Zo verliest Marijnissen op beide vleugels. Wouter Bos kan hem uitleggen hoe zoiets voelt.

Daarmee zijn we aangekomen bij de PvdA-reactie. "PvdA woedend op SP-er Marijnissen" , schrijft de NRC. Toen de zaak speelde in de kamer, hield Marijnissen zich stil, en nu komt hij met zijn opmerkingen, klaagt Jacques Tichelaar, fractievoorzitter van de PvdA. Hij spreekt van "ronduit schaamteloos opportunisme." Hij voegt eraan toe: "De strategie is kennelijk: verstoppertje spelen in de Kamer en later viaeen interview je echte standpunt kenbaar maken."

De PvdA-woede is logisch, en inhoudelijk ook wel juist. Marijnissen zegt weliswaar nu, in de eerder geciteerde weblogtekst: "Het is dus zeker niet zo dat ik mij bij Wilders en de VVD schaar. Zo deed de SP dat ook niet in het debat rond de dubbele nationaliteit van bewindslieden(...) In dat debat werd op een zeer onbehoorlijke manier op de man gespeeld (...) Daar deden en doen we niet aan mee." Nee, dat ontbrak er nog maar aan, dat moest er nog bijkomen!

Marijnissen hield zich juist grotendeels stil. Ze deden niet mee aan de hetze, maar gaven ook niet het broodnodige tegengas. Buiten de Kamer, op TV, noemde Marijnissen de paspoortendiscussie "onbelangrijk" (terwijl hij ook toen al aangaf dat het Akbayrak zou sieren als ze haar Turkse paspoort zou opgeven). Maar als Wilders erin slaagt rond die paspoorten zoveel heisa op gang te brengen dan maakt alleen dàt de discussie al belangrijk.

Afzijdigheid en luwte zoeken zijn dan niet de juiste houding. Tegen zo'n hetze past van een linkse aanvoerder niet een braaf "daar doen wij niet aan mee." Op zo'n moment dient links stelling te nemen, en zich niet afzijdig te houden. De weigering van Albayrak om haar Turkse paspoort weg te doen, verdiende de krachtigst mogelijke bijval, juist ook van de kant van de SP-leider.

Maar de PvdA is in haar woede ook lichtelijk vergeetachtig. Zelf opereerde ze evengoed opportunistisch in deze zaak. Toen de hele zaak volop speelde, vond Wouter Bos het nodig om het kabinet op te roepen om regeringen zoals de Marokkaanse, die hun burgers verbieden om hun paspoort op te geven ook als ze daarnaast een Nederlands paspoort , daar kritisch op aan te spreken.

De NRC noemde het gekozen moment "op zijn zachtst gezegd opmerkelijk" , ook al herhaalt Bos hiermee volgend die krant een eerder via een motie naar voren gebracht standpunt. En Femke Halsema, fractievoorzitter van GroenLinks, merkte over de PvdA op: "De partij is mee gaan bewegen met Wilders, vermoedelijk om weggelopen kiezers te behagen. Het effect kan wel eens tegenovergestel;d zijn, hier snapt geen kiezer meer iets van." Halsema signaleert hier bij de PvdA terecht dezelfde dubbelheid die ik eerder aanwees in de opstelling van Marijnissen.

De woede van Tichelaar op Marijnissen heeft opportunistische trekjes, en zou wel eens samen kunnen hangen met een groeiende nervositeit over de aanval die de SP keer op keer op de PvdA inzet. En waar Marijnissens opmerkingen over paspoorten een rechtse strekking hebben, is die aanval van SP op Pvda verder overwegend links van aard.

Dat geldt voor de campagne 'Openheid over Irak' waar vooral ook de SP als aanjager optreedt, om een onderzoek rond de Irak-oorlog te eisen. Die campagne begint het kabinet wel degelijk in gevaar te brengen. "Irak-protest brengt PvdA in problemen" , zo bericht Trouw op 31 maart. Enige aandacht voor een heel andere kwestie, waarin de PvdA verschijnt als de vermoorde linkse onschuld - zou het de leiding van die partij tactisch wel zo slecht uitkomen?

zondag 1 april 2007

Slachthuis Irak, made in the USA

De productiecijfers voor maart in abattoir Irak: 2098 Iraakse doden; ruim 2700 gewonden. In dezelfde maand kwamen 85 Amerikaanse militairen om. Het aantal Iraakse doden is 15 procent hoger dan dat in februari. De cijfers zijn veelzeggend, maar met niet alles dat erover gezegd wordt, wordt ook iets zinnigs gezegd.

Berichten in de NRC en in de Volkskrant waar ik de cijfers vond, voegen toe dat die toename er is "ondanks het offensief van het Amerikaanse en Iraakse leger de rust te herstellen" . Maar het woord "ondanks" is misplaatst en weerspiegelt een verkapte vorm van propaganda. Heel veel wijst erop dat juist dankzij het Amerikaans militair optreden het geweld woedt en steeds extra slachtoffers kost.

De Amerikaanse bijdrage aan het bloedbad komt op meerdere manieren. Amerikaanse militairen doden rechtstreeks zelf, in aanzienlijke aantallen. In de stad Fallujah - eerder door Amerikaanse militairen voor een flink deel met de grond gelijk gemaakt - brengen Amerikaanse en Iraakse militairen mensen om na ze opgepakt te hebben, zo zeggen bewoners. Dat bericht persbureau IPS op 30 maart.

"Zeventien jonge mannen waren geëxecuteerd gevonden nadat ze gearresteerd waren door Amerikaanse militairen en politie van Fallujah. Mijn twee zonen zijn vastgezet door de politie, en ik ben doodsbang dat ze het zelfde lot zullen ondergaan. Ze zijn slechts 17 en 18 jaar oud" , aldus Yassen, één van die bewoners. Een ex-politieman beschrijft een andere verschrikking: "Drie mannen werden geëxecuteerd door Amerikaanse soldaten(...) even buiten Fallujah. Een van hen was 70 jaar oud en stond bekend als een goede man. De anderen waren familieleden van hem. Ze sliepen toen de inval plaatsvond." Ook vallen er geregeld doden nadat Amerikaanse soldaten in het wilde weg het vuur openen nadat ze op gewapend verzet stuiten.

Maar niet alleen voor het rechtstreekse militaire geweld door Amerikaanse troepen is de VS verantwoordelijk. Ook de bloedbaden over en weer - bomaanslagen met grote aantallen burgerdoden door schimmige gewapende Soennitische groepen, moordpartijen door Sjiitische milities, feitelijk doodseskaders - zijn een product van de bezetting. Michael Schwartz legt uit hoe Amerikaanse invallen en controleposten plaatselijke gemeenschappen juist kwetsbaarder maken voor aanslagen. Hij neemt als voorbeeld een tweetal bomaanslagen op 18 februari in op een markt in een wijk in Bagdad, die 60 mensenlevens kostten vlak nadat Amerikaanse militairen daar hadden gepatrouilleerd.

"De manier waarom een Amerikaanse patrouille vrijwel samenviel met een autobom was geen toeval. In de wijk Nieuw Bagdad, net als bijna alle Sjiitische gemeenschappen in Bagdad, opereert het Mahdi leger als politiemacht. Naast het uitvoeren van allerlei plaatselijke wetten zijn de Mahdis ook waakzaam wat betreft mogelijke plegers van zelfmoordaanslagen (...)

Als de Amerikanen passeren op patrouille of - erger nog - als ze permanente controleposten opzetten, dan moeten de Mahdis zich gedeisd houden, omdat de Amerikanen (of hun Iraakse assistenten) ze anders doden of gevangennemen. De gemeenschap is dan in wezen onbeschermd en open voor indringers.

De Soennitische jihadisten weten dit, en ze weten ook dat de Amerikanen (en hun Iraakse assistenten) niet de bekwaamheid en niet de aandrang hebben om verdacht uitziende indringers op te merken en aan te houden. Dus ze nemen precies die Sjiitische wijken die de Amerikanen druk aan het 'pacificeren' zijn als doelwit. Heel vaak, zoals in het geval van de bomaanslag in Nieuw Bagdad, plannen ze de timing van hun aanval juist nadat de Amerikanen doorgetrokken zijn, en voordat de Mahdis terug op de straten hebben kunnen terugkeren." De Mahdis zijn de militieleden van de beweging van de Sjiitische leider Moqtada al-Sadr.

Door te patrouilleren en de beweging van Sadr als vijand te behandelen maakt het Amerikaanse optreden het moorddadige werk van Soennitische sectarische gewapende groepen makelijker. Tot zover Schwartz. We kunnen daaraan toevoegen dat de aanslagen die deze groepen plegen kunnen in de Westerse propaganda mooi dienst doen als 'bewijs' dat de Irakezen niet in staat zijn tot vreedzaam samenleven. Dat is dan weer een mooi excuus voor de bezetters om nog 'even' te blijven. Zo is de bloedige cirkel rond.

Het is dus niet 'ondanks' maar eerder dankzij het Amerikaanse optreden dan mensen in Irak doodgaan in groten getale. En ook het geregeld opduikende bericht dat Iraakse troepen steeds meer van het werk overnemen van de Amerikaanse legermacht is, zacht gezegd, aanvechtbaar. Dat is ook te zien aan dodencijfers uit dezelfde maand maart.

We zagen al dat die maand 85 Amerikaanse soldaten omkwamen. Je zou verwachten dat, als Iraakse troepen meer van het bezettingswerk verrichten, ook het aantal doden onder die troepen stijgt. Maar het lijkt er niet op. Een bericht van My Way op 31 maart - dat overigens 81 en niet 84 noemt als dodental onder Amerikaanse militairen - geeft ook het aantal Iraakse militairen dat omkwam: 44. Daar komen dan nog wel 165 Iraakse politieagenten - heel vaak doelwit van gewapende verzets- en sektarische groepen, maar zelf vaak tot over hun oren betrokken in militie- en doodseskadergeweld - bij.

Van een Iraaks leger dat steeds meer de plaats inneemt van een Amerikaanse troepenmacht die zich meer op de achtergrond houdt is duidelijk niet erg sprake. Het Iraakse leger blijft hulpstuk van de Amerikaanse bezetter, moorddadig maar niet bereid of in staat om een serieuze strijd tegen het gewapend verzet te voeren. Wat er na vertrek van die Amerikaanse en ook Britse bezetters zou gebeuren, weet niemand. Maar zonder het vertrek van die bezetter, de hoofdoorzaak van het huidige geweld, gaat het geweld in Irak in ieder geval op enorme schaal door.

zaterdag 31 maart 2007

Trappen in de rug

Een vuistslag in je gezicht van je vijanden is akelig. Een trap in de rug van je bondgenoten - of wie je daarvoor aanzag - is erger. De dag van vandaag geeft daarvan drie, waarlijk stuitende, voorbeelden.

Een trap in de rug kreeg het kamerlid Khadija Arib. Zij is lid van een advies groep die een rol speelt bij de vorming van een Hoge Raad in Marokko. Ze zet zich op die manier in voor democratisering in Marokko. Maar Geert Wilders viel haar hevig aan en vond dat ze met zo'n functie geen Kamerlid kon zijn. "Alsof ik de spion ben van de Marokkaanse koning" , zo reageerde Arib in de NRC van 3 maart verontwaardigd op de kritiek. Ze hield na een fel kamerdebat de rug recht en bezweek niet voor de verbale vuistlag van Wilders.

Maar nu geven diverse kopstukken uit de Marokkaanse gemeenschap Wilders steun, zo blijkt uit de NRC van 31 maart. Bijvoorbeeld Mustapha Mejjati, die voorzitter is van Amome (een internationale organisatie van marokkanen), afdeling Nederland, en SP-stemmer. Hij zegt: "Ik ben het nooit met Wilders eens, maar wat dit betreft heeft hij een punt." En Mohamed Majoubi, gemeenteraadslid in Amsterdam voor GroenLinks. "Ik wil Wilders niet de munitie aanreiken om iemand in de Kamer af te slachten, maar rationeel gezien heeft hij gelijk." En Mohamed Dahmani, vakbondsconsulent bij FNV-bondgenoten en PvdA-lid: "Deze twee werkzaamheden zijn niet te combineren." Maar waarom toch niet?!

Mejjatti gaat zelfs verder en legt de schuld voor verwijdering tussen Marokkaanse en andere bewoners van Nederland mede bij Arib. "Nu is het vertrouwen van Nederlanders in Marokkanen helemaal weg." Wat een mentaliteit: Marokkanen moeten het vertrouwen van Nederlanders (de niet-Marokkaanse; blijkbaar zijn de Marokkanen in deze gedachtengang al van het Nederlanderschap beroofd) kennelijk verdienen door op te zitten, braaf te zijn en pootjes te geven zodra de eerste de beste racistische volksmenner daar op hoge toon om vraagt. Wat een weerzinwekkende toestand. En dat stemt dan SP...

Een trap in de rug kreeg het COC, dat morgen in Amsterdam een manifestatie houdt in Amsterdam omdat het zes jaar geleden is dat het huwelijk opengesteld is voor stellen van hetzelfde geslacht. het COC biedt dan een manifest aan over zogeheten 'weigerambtenaren': ambtenaren die uit gewetensbezwaar tegen zo'n 'homohuwelijk' zulke stellen niet willen trouwen en zich voor de gelegenheid laten vervangen maar voor hun gewetensbezwaar van het nieuwe kabinet de ruimte krijgen. In twintig procent van alle gemeenten werken zulke 'weigerambtenaren', aldus onderzoek van het COC.

Maar een drietal Christelijke homo-groepen maken bezwaar tegen de COC-kritiek op het verschijnsel 'weigerambtenaar. Dat staat op 31 maart in De Volkskrant te lezen. Het gaat om de Vereniging Christelijke Homo's en Lesbiennes, ContrariO en RefoAnders. Initiatiefnemer van het gezamenlijke tegengeluid, Johan Quist: "De manier waarop het COC de afgelopen tijd voor homorechten is opgekomen is niet de juiste manier. De afstand wordt alleen maar vergroot." Hij noemt de houding van het COC zelfs discriminatie: "Juist van de homobeweging mag men verwachten hoe het is om gediscrimineerd te worden. Dat moeten ze anderen niet aan willen doen."

Het is een klassieke rechtse gedachtenkronkel: pogingen om een eind aan discriminatie te maken wordt zelf als discriminatie afgeschilderd, degene die het recht op discrimineren opeens wordt ontzegt krijgt de rol van slachtoffer. En nee, 'weigerambtenaren' kunnen een homohuwelijk niet blokkeren, dat moest er nog bijkomen! Ze worden in zo'n geval vervangen door ambtenaren die hun werk wèl naar behoren willen doen.

Maakt dat de weigering - en de ruimte die ze ervoor krijgen - minder discriminerend van strekking? Ik ben het eens met COC-directeur Frank van Dalen als hij zegt: "We ontzeggen niemand het recht gewetensbezwaarlijk te zijn, maar draag de last zelf en wentel deze niet af op de maatschapij. Als je de wet niet kan uitvoeren, dan moet je een andere taakstelling zoeken."

Kennelijk wordt Quist, net als anderen die zowel homo of lesbo als Christen zijn, twee kanten op, getrokken door een dubbele loyaliteit. een geloof dat afwijzing van homoseksualiteit op zijn minst de ruimte wil geven, en een erkenning van de rechten homo's en lesbo's botsen met elkaar. Zo blijkt dat je voor een dubbele loyaliteit geen twee paspoorten nodig hebt. Zo wordt ook zichtbaar dat inzet voor homo-bevrijding wringt in een politiek waarbinnen gezin, gezag en God Zelve de boventoon blijven voerenmaar het beste ingebed kan zijn in een politiek waarin emancipatie op alle fronten centraal staat. Hoe welkom het bestaan van specifiek Christelijke homo-groepen ook is. Maar dit terzijde.

De meest schokkende trap in de rug krijgt vandaag echter staatssecretaris Albayrak, alle mensen met meer dan één paspoort en al degenen die van de Wilders-hetze tegen deze mensen verstoken te blijven. De trap komt van niemand minder dan SP-aanvoerder Marijnissen. Ook hij ziet liever dat Albayrak haar Turkse paspoort opgeeft, zo lezen we in op website van de Telegraag in passages uit een interview dat die krant met hem op op 31 maart publiceerde. "Ik zou het een dikke extra plus vinden als ze dat zou doen. Om de beeldvorming. Een bewindspersoon heeft ook een voorbeeldfunctie." Voorbeeld waarin, mijnheer Marijnissen? In het zwichten voor kwaadaardig gestook en verdachtmakingen vanuit het kamp van Wilders?

Ja, in het interview zelf - op het weblog van Jan Marijnissen gepubliceerd - neemt Marijnissen afs5tand van Wilders. Hij vindt over de paspoortkeuze: "mensen mogen zelf kiezen. De loyaliteitsdiscussie staat hier los van." Maar ook zegt hij: "Als mensen hier binnenkomen zullen we ook zeggen: "wij hebben een voorkeur dat u gewoon Nederlander wordt, zich aanpast, de taal leert en zoveel mogelijk probeert te participeren."Ook bij hem is het "gewoon Nederlander worden" verbonden aan het op gelijke voet deelnemen aan de maatschappij, ook hier smokkelt hij stukjes loyaliteitsvraag binnen in een verhaal over nationaliteit en deelname aan de maatschappij.

Hoe kwalijk de opstelling van Marijnissen is bleek nog dezelfde dag. Wilders was er als de kippen bij om opnieuw te eisen dat Albayrak van haar Turkse paspoort afstand doet. Wilders verwijst in de Kamervragen die hij er meteen over stelde naar een "groeiend draagvlak" voor die eis en voert de uitspraak van Marijnissen daarvoor aan ter ondersteuning. We mogen hopen dat het hier om een geweldige tactische blunder van Marijnissen gaat, waarmee hij Wilders in de kaart speelt. Maar Marijnissen is niet naïef in dit soort dingen, het lijkt me eerder een poging om de afstand tussen SP-politiek en dat deel van zijn kiezers dat rond de zaak van dubbele paspoorten een eind met Wilders meegaat, zo klein mogelijk te houden. Anders gezegd: een poging om kiezers de kant van de SP op te krijgen en te houden.

Maar met concessies aan de standpunten van Wilders - en daarvan is hier sprake - bouwen we geen effectief antwoord op het steeds gevaarlijker wordende verschijnsel waarvan Wilders aanvoerder en koploper is. Voor zo'n antwoord is een principieel 'nee' tegen de héle hetze-politiek en de nationalistische fundamenten ervan onmisbaar. Dat we voor zo'n nee bij Jan Marijnissen niet terecht kunnen, is een schop in de rug van elke serieuze antiracist, democraat en socialist.

vrijdag 30 maart 2007

Her en der wat zaken

Nieuw referendum gevraagd
1 juni 2005 was een prachtige dag. Toen stemden we in forse meerderheid de EU-grondwet de prullenbak in. Dat verdiende die grondwet ruimschoots; het was een document waarin het vrijemarkt-beginsel als het ware in de statuten van Europa werd vastgelegd, waarin militarisme en het bondgenootschap met de Verenigde Staten werd beklonken, om maar eens iets te noemen.

Maar nu willen de Euro-leiders het opnieuw proberen. En daar mogen ze niet mee weg te komen zonder dat ze ons als kiezers weer ontmoeten. Dat vindt het Samenwerkingsverband Een Ander Europa. In dat initiatief werken onder meer samen het Comite Grondwet Nee, de andersglobalistische groepering ATTAC en de het collectief Eurodusnie.

Het samenwerkingsverband schrijft (niet schrikken van het Euro-house-deuntje trouwens): "Nu werken de lidstaten van de Europese Unie aan een 'oplossing' voor het Nederlandse en Franse NEE tegen de Europese grondwet. Wat daar uit zal komen is nog onzeker, maar waarschijnlijk wordt het een nieuw EU-verdrag." En op deze woorden volgt een oproep om de volgende eis te ondersteunen: "Wij verzoeken de Tweede Kamer over dit nieuwe verdrag opnieuw een referendum te organiseren, zodat wij als kiezers ons erover uit kunnen spreken. Wij willen referendum." Ik ben het daarmee eens. Tekenen doe je op de website .

Mooi weblog
Jelle Schuurman heeft onlangs een mooi nieuw weblog het leven doen zien. Daarom geeft hij, in vastberaden en heldere woorden, zijn ervaringen en meningen, vooral over de strijd tegen fascisme waar hij ook zelf bij betrokken is. Zo verhaalt hij levendig van een demonstratie in Doetinchem op 21 maart, Internationale Dag tegen Racisme. Een bezoekje meer dan waard, en het ziet er mooi uit ook. Je vindt het op www.jelleschuurman.nl

Mooie website
Max van Lingen heeft al veel langer een website die ik onlangs echter pas voor het eerst ontdekte. Het is een sobere, maar juist daardoor juist wel prettig ogende, website. je vindt er een handvol gedichten van zijn hand, en een handvol beknopte. helder geschreven artikelen. Het meest recente stuk gaat over de oorlog die de VS tegen Iran dreigt te beginnen. Kern van zijn conclusie: "Islamitisch of niet, elk land dat zich tegen het imperialisme verzet, verdient steun. In dit geval kan het echter alleen om zeer kritische steun gaan." De website is te vinden op www.marxisme.tk .

Nogmaals Lucebert
Onlangs berichtte ik op over mijn bezoek aan de Lucebert-tentoonstelling die in het gemeentemuseum Schiedam wordt gehouden. Mijn artikel daarover in De Socialist is inmiddels verschenen, maar staat nog niet online. Natuurlijk kun je sowieso beter de papieren versie van De Socialist aanschaffen. Niet alleen leest papieren tekst makkelijker voor de meeste mensen, niet alleen krijg je er dan ook mooie plaatjes bij (zonder dat je moet hannesen met dat vervelende PDF...), niet alleen kun je de krant dan ook lezen als je eens niet achter een PC zit - je steunt er De Socialist, en de organisatie die het maakt, ook mee. Het gerucht gaat dat die steun zeer welkom is, en ik zou als lid van die organisatie wel de allerlaatste zijn om dat gerucht tegen te willen spreken...

donderdag 29 maart 2007

Hoe je een fascist herkent (deel 3)

Racisme, vooral in islamofobe vorm, is het handelsmerk van Geert Wilders en zijn PVV. Maar racisme vormt niet de kern van het ideologie die zij hanteren. De ruggengraat van de opvattingen van Wilders wordt gevormd door een fel nationalisme waar het racisme een onderdeel van vormt - maar niet meer dan dat. Die verwevenheid van racisme met een agressief nationalisme geeft aan de opvattingen van Wilders een extra gevaarlijke dimensie - een dimensie waarmee hij zich verwant betoont aan fascistische stromingen en personen elders.

Wilders' nationalisme druipt van zijn teksten af, en ook van de titels ervan. Een document over zijn economisch beleid heet "Plan voor een nieuwe Gouden Eeuw" - een verwijzing naar die hoogtijdagen van Hollands Huiveringwekkende Glorie. En het het stuk waarin hij in 2005 zijn opvattingen presenteerde heet veelbetekenend een "Onafhankelijkheidsverklaring" - een onafhankelijkheidsverklaring van Wilders jegens wat hij de "de elite" noemt, maar ook een verwijzing naar de noodzaak dat Nederland als zodanig zoiets nodig heeft. Sleutelzinnetje daaruit: "Ik houd van Nederland, maar steeds minder van het Nederland zoals het nu is." De toon van slotpassages uit het stuk spreekt boekdelen. "Zonder excuses en voorbehoud kies ik voor een vrij en welvarend en onafhankelijk Nederland. Onze gezinnen, onze geschiedenis en onze toekomst verdienen dat. Ooit veranderden onze voorouders een moerasdelta in een oase van tolerantie en economisch succes., met een vlag die over de hele wereld synoniem is met vrijheid. Die vlag verdient het in vrijheid te blijven wapperen."

Met die vrijheid van Wilders' partij is trouwens ook iets merkwaardigs aan de hand. Hij geeft een opsomming. "De vrijheid dat je moeder 's avonds veilig over straat kan, de vrijheid dat je van je salaris genoeg overhoudt om aan je eigen gezin uit te kunnen geven, de vrijheid die je hebt omdat je oude dag is veiliggesteld, de vrijheid is omdat ons bedrijfsleven weer floreert, de vrijheid die je hebt omdat onze regering ons beschermt tegen terrorisme, de vrijheid van een baan en van een goed bestaan, de vrijheid om als land onze eigen beslissingen te nemen."

Het klinkt onschuldig maar is het niet. Dat "ons bedrijfsleven" - zijn die fabrieken en kantoren van ons allemaal trouwens? - bij Wilders tot bloei gebracht moet worden door maatregelen die "een baan en een goed bestaan" in gevaar brengen en het salaris van velen ook zonder hoge belasting te laag zal maken om van rond te komen - het is een onderwerp voor een andere keer. Dat de wijze waarop Wilders veiligheid tegen criminaliteit en terrorisme wil bereiken, de vrijheid verregaand ondermijnen - ook dat is waar, maar ook dat laat ik nu even rusten.

Ik wijs er wel op dat klassieke vrijheidsrechten in Wilders' opsomming ontbreken. Waar is de vrijheid om in alle rust je geloof te kunnen belijden en beleven, juist ook als je dat in een moskee wilt doen? Waar is de vrijheid om je te kleden zoals je dat wilt, om je eigen redenen - ook als je een hoofddoek prefereert boven een oud-Hollandse ijsmuts? Vrijheid bij Wilders is niet de vrijheid van personen om hun eigen leven te leiden naar eigen inzicht. Wilders heeft zijn herkomst in een partij waarin liberale waarden soms nog enigszins worden verdedigd - zolang ze niet met het maken van winst botsen. Wilders heeft de restanten liberalisme die je bij de VVD nog wel eens tegenkomt op dit punt losgelaten.

Maar de sleutel zit in het slotzinnetje van de aangehaalde passage: "de vrijheid om als land onze eigen beslissingen te nemen." Niet zozeer de vrijheid van individuen, maar de vrijheid van het hele land als totaliteit - dàt is waar Wilders voor staat. Nederland als eenheid tegen bedreigingen van buitenaf - dat is de grote ideologische drijfveer van Wilders. Loyaliteit aan dit Nederland, aan de natie, is bij Wilders blijkbaar de hoogst mogelijke loyaliteit - hoger dan de loyaliteit die aan bijvoorbeeld individuele vrijheden en democratische rechten.

Nationalisme is bij Wilders geen bijkomend bestanddeel, zoals het dat - helaas - bij heel veel andere partijen is. Nationalisme is hoofdbestanddeel, het is de ruggengraat van Wilders' wereldbeeld. Hij gaat hierin wezenlijk verder dan zelfs rechtse partijen als CDA en VVD. In combinatie met het racisme waarin Wilders grossiert brengt hem vrij dicht in de buurt van mensen als Filip de Winter en Jean-Marie Le Pen - mensen die wel degelijk een fascistisch verschijnsel vertegenwoordigen.

Hoe werkt dat nationalisme uit bij Wilders? Nederland - die mythische eenheid met haar grootse sprookjesverleden - moet zich vrijwaren van kwalijke vreemde invloeden. Vandaar bijvoorbeeld Wilders' houding jegens Europa die een "uitverkoop van Nederlandse belangen en de eigen Nederlandse identiteit" inhoudt.

Nu wordt de plek die Islamofoob racisme in zijn politiek inneemt ook duidelijker. Wilders wil een "Nederland dat zich eigen identiteit handhaaft en dar trots op is, zich niet laat overnemen of aanpast aan wezensvreemde culturen..." Daarin stoelt zijn afwijzing van de Islam - en dat maakt Moslims feitelijk tot mensen wiens loyaliteit aan dat heilige Nederland bij voorbaat dubieus is. Het hooghouden van wat hij als 'nationale identiteit' ziet, leidt tot het verdacht maken van degenen wiens 'identiteit' daarmee in strijd is. Moslims zijn in Wilders' ogen dan ook niet zozeer profiteurs (zoals in gangbaarhet onderbuikracisme), maar volksvijanden, potentiële landverraders.

Hierin zien we een buitengewoon griezelige parallel met het favoriete racisme van de jaren dertig: het antisemitisme. Ook daar zagen we het waanidee van een alomtegenwoordig gevaar dat op sinistere wijze overal invloed probeerde te verwerven. Wat destijds aangeduid werd als 'joods-bolsjewistisch complot' met als doel de wereld te overheersen, dat duikt vandaag de dag weer op als 'tsunami van islamisering'. En net zoals destijds joodse bewoners van landen als Nederland, Frankrijk en Duitsland te maken hadden met de verdachtmaking dat ze geen 'echte', loyale Nederlanders, Fransen of Duitsers konden zijn, zo zijn Moslims op soortgelijke wijze bij voorbaat al geen loyale Nederlanders, wat Wilders betreft.

Vandaar dat Moslims te maken krijgen met extra loyaliteitstoetsen. Precies dáár is sprake van in de hele hetze rond de mensen met dubbele paspoorten. Twee paspoorten, twee loyaliteiten, nietwaar? Die redenering is op zichzelf erg idioot. Ik heb een Nederlands paspoort, simpelweg omdat ik een reisdocument wil hebben maar vooral omdat mijn vijand de Nederlandse staat een identificatieplicht heeft doorgevoerd. Zonder zo'n document loopt mijn inkomen gevaar. Met loyaliteit heeft dat malle boekje met dat rare fotootje niets te maken. Ik heb ook een pasje van mijn ziektenkostenverzekering, en een NS-kortingskaart. Maar wie denkt dat ik loyaal ben aan een verzekeraar of aan de Nederlandse Sloomwegen kent mij erg slecht.

Ik ben ook nog lid van de vakbond AbvaKabo. Ook daarvan heb ik een pasje. En ja, dat lidmaatschap wortelt in een loyaliteit die ik voel jegens de georganiseerde arbeidersbeweging, met alle kritiek die ik juist vanuit die loyaliteit ook heb. Maar die loyaliteit ging vooraf aan dat lidmaatschap. Niet het pasje maakt mij loyaal; mijn loyaliteit leidde ertoe dat ik vakbondslid werd.

Het is dus onzin om aan het bezit van een document allerlei verwachtingen of loyaliteitseisen te koppelen. Historicus Marlou Schrover merkt treffend op: "Je moet loyaliteit niet verwarren met nationaliteit. Er zijn Kamerleden die de belangen van boeren behartigen, terwijl ze elf boer zijn. daar hoor je niemand over. Balkenende zal bepaalde dingen niet zeggen omdat hij christen is - dat is zijn christelijke loyaliteit. Geen probleem."

Maar precies het gelijkstellen van nationaliteit met loyaliteit doet Wilders, en daarin gaat hij steeds verder. Eerst waren het twee staatssecretarissen, één van Turkse en één van Marokkaanse herkomst, die een grove aanval te verduren krijgen. Inmiddels wil Wilders ook dat leger, politie, lidmaatschap van gemeenteraar, provinciale staten, rechterlijke en andere hoge functies voor mensen met meer dan één paspoorten verboden worden verklaard. Zo wil Wilders eersterangsburgers en tweederangsburgers in het leven roepen - een grove aanval op het democratische beginsel van gelijke rechten.

Willem Breedveld - zelf helaas wel voorstander van maatregelen tegen een dubbel paspoort - signaleert hoe kwalijk de sfeer van verdachtmaking is die Wilders helpt creëren. Ook hij ziet paspoorten niet als een loyaliteitskwestie, en grijpt daarbij terug op de tijd van de nazi-bezetting. "Zo'n twintig procent ging de fout in, of pleegde verraad en nog eens twintig procent pleegde actief of passief verzet. Al die mensen beschikten over één nationaliteit en één paspoort." Over de percentages en de omschrijving valt te twisten, maar de boodschap is duidelijk. Meegaan met Wilders' aanvallen - wat teveel politici volgens hem doen - is een "knieval voor dat deel van de bevolking dat moslims in dit land voor geen cent vertrouwt" , aldus Breedveld. Hierin heeft hij volkomen gelijk - en Wilders is degene die dit wantrouwen als geen ander bespeelt.

Formeel is zijn aanval op dubbele paspoorten weliswaar niet gericht tegen enkel Moslims. Maar uitspraken van Wilders laten de islamofobe inzet zien van Wilders' paspoortenparanoia. De "'tsunami van islamisering' heeft nu ook het kabinet bereikt" , zo 'begroette' Wilders het aantreden van de twee staatssecretarissen. En hij merkte op dat "de Marokkaanse en Turkse overheden nu feitelijk in het Nederlandse machtscentrum zijn geïnfiltreerd." Moslims met een dubbel paspoort worden neergezet als agenten van buitenlandse mogendheden èn als deel van de natuurramp waaruit volgens Wilders de Islam bestaat. Nationalistische paranoia geeft het islamofobe angstbeeld extra kracht.

(wordt vervolgd)

dinsdag 27 maart 2007

Hoe je een fascist herkent (deel 2)

Het nog veel te gangbare beeld van Geert Wilders en zijn PVV is als volgt. Het gaat hier om een wat rechtsere variant van de VVD, met een aanvoerder die er een nogal onbehouwen wijze van debatteren op nahoudt. Rechts, zeer rechts, onaangenaam wellicht, maar niet principieel anders dan de partij van Rutte en Verdonk. Uiteindelijk klinkt Partij voor de Vrijheid toch ook best wel als Volkspartij voor Vrijheid en Democratie? Nou ja, de democratie is zoekgeraakt maar een kniesoor die daarop let...

Dit beeld is echter zeer misplaatst en biedt vooral valse geruststelling. Een blik op de standpunten waarmee Wilders keer op keer het nieuws haalt zou maakt dat toch wel duidelijk. In die standpunten zien we verregaand racisme, virulent nationalisme, een reeks steeds frontaler aanvallen op democratische uitgangspunten, vooral op het beginsel van gelijke rechten voor verschillende bevolkingsgroepen.

Het racisme van Wilders omvat meerdere bestanddelen en gaat veel verder dan het maar al te gangbare racisme. Met dat laatste gifmengsel bedoel ik het waanidee dat migranten hier naartoe komen om 'onze banen in te pikken' en 'onze uitkeringen te komen misbruiken'. Migranten zijn in deze houding tegelijk harde werkers die de witte Nederlanders wegduwen op de arbeidsmarkt èn luiwammesen die van de bijstand leven. Een tegenstrijdigheid die geen racist ooit nog heeft weten uit te leggen, maar daar is een racist dan ook racist voor...

Ook dat waanidee is bij Wilders' racisme beslist aanwezig. Dat valt te zien aan zijn poging om een immigratiestop te onderbouwen. Dat doet hij in een "immigratieplan" dat hij samen met Sietse Fritsma maakte, door bij de "enorme problemen" die volgens Wilders door immigratie veroorzaakt worden als derde te noemen "een veel te hoog beroep op uitkeringen" . Toch is het opvallend hoe weinig rechtstreeks Wilders inspeelt op de racistische angst dat 'buitenlanders' vooral hier zijn als 'profiteurs'. Dat huis-, tuin- en keuken-racisme waar Janmaat zo goed in was, is bij Wilders naar de achtergrond gegaan.

Op de voorgrond bevindt zich zijn favoriete variant van racisme: Islamofobie. Het is verkeerd om te denken dat het hier gaat om een inhoudelijke kritiek op een godsdienst, om een ideologische afwijzing van de Islam. Woordgebruik als "tsunami van islamisering" suggereert allereerst een natuurramp (tsunami) die product is van een steeds verder voortschrijdend bedreigend proces (islamisering). Daarmee wordt de Islam - en feitelijk dus de gehele Moslim-gemeenschap - als bedreigend verschijnsel neergezet. Daarmee wakkert Wilders een van angst doortrokken haat aan tegen Moslims.

Natuurlijk is Wilders slim genoeg om dit in te kleden als een afwijzing van standpunten zoals die bijvoorbeeld de Koran te vinden zijn. We herinneren ons nog zijn uitspraak dat Moslims wat hem betreft slechts in Nederland mochten bklijven als ze niet de helft van de pagina's uit de Koran scheurden. Vrouwvijandigheid, homohaat en het prediken van geweld keren bij Wilders steeds terug als reden om de Islam aan te vallen en "een verschrikkelijke godsdienst" te noemen.

Maar Christendom en Judaïsme bevatten dezelfde ingrediënten. Het Christendom heeft als onderbouwing gediend van de middeleeuwse Kruistochten (waarover Neil Faulkner een nuttig artikel heeft geschreven in International Socialism Journal nr. 109, winter 2006), gedwongen bekering van 'heidenen', rechtvaardiging van koloniale overheersing en imperialistische agressie-oorlogen. Dat gaat door tot vandaag de dag: president Bush zei vlak na 11 september 2001: "deze kruistocht, deze oorlog tegen terrorisme, gaat wel even duren." Om PR-redenen verdween het tactisch wel erg onhandige woord 'kruistocht' weer uit zijn woordenschat, maar de gedachtengang was herkenbaar. De Westerse wereld hoeft op het gebied van homofobie, seksisme en bloedige oorlogspolitiek bepaald geen les te nemen bij de Islam. De eigen Christelijke ideologische fundamenten hiertoe volstaan ruimschoots. Deepa Kumar gaat, in "Islam en Islamophobia" in de International Socialist Review van maart-april 2007, onder meer in op de grondig foutieve opvatting dat de Islam een wezenlijk akeliger godsdienst is dan bijvoorbeeld het Christendom.

Een aanval op de Islam, verpakt als kritiek op seksistische, homofobe en oorlogszuchtige elementen die in de Koran te vinden zijn, valt dan ook niet als godsdienstkritiek serieus te nemen. Het feit dat een gelijktijdige aanval op het Christendom bij Wilders ontbreekt laat dat zien. Wilders is niet bezig met de kritiek op de Islam als godsdienst. Hij is bezig met een aanval op Moslims als bevolkingsgroep.

Voor leden van die bevolkingsgroep is de Islam doorgaans iets wat ze van huis uit meekrijgen, mensen worden veelal in een Moslim-gemeenschap geboren. Ook Fortuyn, ideologische voorloper van Wilders, noemde de Islam "een achterlijke cultuur" - en voegde daaraan toe: "een godsdienst kan men verlaten, een cultuur kun je echter niet verlaten". (geciteerd in "Leest u zijn boeken maar" , een dossier dat de SP uitbracht in het voorjaar van 2002) Moslim zijn is dus, in deze redenering, geen kwestie van een 'fout' standpunt kiezen; het is een kwestie van deel zijn van een 'foute' bevolkingsgroep. Juist dàt maakt Islamofobie ook tot racisme.

Voeg daarbij de hele beeldvorming rond moslims. Het beeld dat mensen in hun hoofd hebben bij het woord 'moslim' vertoont veelal trekken van mensen uit het Midden-Oosten. Zowel de mannen in het 'Westerse' strakke pak die bijvoorbeeld veelal als woordvoerder van de Turks-Islamitische organisatie Millis Görus optreden als de aanhangers van Al Qaeda met hun baarden en Arabische uiterlijk zijn aanhangers van de Islam. Maar als Wilders 'Moslims' zegt, denken zijn toehoorders en geestverwanten dan aan mannen in strakke pakken? Of aan donkere, bebaarde, Arabisch uitziende mannen in Oosterse gewaden? En geloven we echt dat Wilders niet doorheeft dat zijn publiek veelal aan de tweede categorie denkt, en niet aan de eerste?

Wilders zegt 'Moslims' maar bedoelt feitelijk 'mensen die uit het Midden-oosten afkomstig zijn'. Dat, plus het feit dat hij de hele Moslim-gemeenschap onder vuur neemt, maakt zijn Islamofobie tot hard racisme. Soms echter valt hij Marokkanen aan als Marokkaan, rechtstreeks, en zonder rechtstreekse verwijzingen naar de Islam.

Zo maakte hij zich onlangs druk over een taakstraf voor een handvol jongeren die wegens vrij lichte overtredingen een taakstaf kregen: het aanleggen van een vlindertuin. De Jongeren waren van Marokkaanse afkomst, de vlindertuin werd in dat land aangelegd, en de jongeren deden erover op diverse wijzen verslag nadat ze terug waren in Nederland. Een prachtproject, zou ik denken, maar dus niet volgens Wilders.

Maar - en daar gaar het me nu om - gelooft iemand dat Wilders zich net zo druk zou hebben gemaakt als het om een soortgelijk project voor witte jongeren uit, ik noem maar iets, de Utrechtse wijk Ondiep, zou zijn gegaan? En waar is hier de Islam-connectie zichtbaar? het gaat hier om ordinaire stemmingmakerij tegen iedere vorm van positieve benadering van Marokkanen. Die verdienen bij Wilders een keiharde aanpak. Niet vanwege het aanhangen van de Islam - dat hele woord komt in het NRC-bericht waarop ik me hier baseer niet voor - maar simpelweg vanwege hun Marokkaanse herkomst. Door het vlinderproject waar deze jongeren aan deelnemen zo in een kwaad daglicht te stellen speelt Wilders rechtstreeks in op anti-Marokkaans racisme, zonder Islamofobe sluipwegen.

Hetzelfde racisme brengt zijn partij veelvuldig in stelling rond criminaliteit en overlast. Zo stelde kamerlid Fritsma in maart kamervragen die op de website van Wilders'club prijken onder de titel: "Criminele Marokkanen keihard aanpakken". In vraag drie is daarin sprake van het "enorme probleem van criminele Marokkanen" , waartegen in vraag vijf niet alleen "zwaardere straffen"maar ook "terugzending van allochtone criminelen (al dan niet na denaturalisatie) naar hun land van herkomst" als 'oplossing' wordt aangereikt. Crimineel zijn en Marokkaan zijn liggen hier in elkaars verlengde, en vanwege hun Marokkaanse achtergrond geldt hier een extra harde aanpak (niet slechts straf in Nederland, maar uitzetting bovendien).

Islamofobie en een rechtstreekse aanval op Marokkanen gaan samen in het begrip 'straatterroristen' dat Wilders gebruikt om met name Marokkaanse jongeren die overtredingen en misdrijven begaan aan te duiden. Het gaat hier niet om moord en doodslag, maar om dingen die de meeste mensen zullen aanduiden als overlast, wangedrag en vandalisme. Lastig als je er mee te maken van hebt, maar niet specifiek voor één bevolkingsgroep. En 'terrorisme'? Door het zo te noemen maakt hij van overlast hetzelfde als van een bloedbad.

Bovendien legt hij via dat beladen woord een onderhuidse koppeling tussen hangjongeren in een verpauperde wijk en de vliegtuigkapers van 11 september 2001 of iemand als Mohammed B. . "We maken daarbij geen onderscheid tussen terrorisme tegen de staat en terreur op straat", zegt hij in een toespraak in Rotterdam waar hij oproept tot zijn eigen oorlog tegen terrorisme. Het laat zien waar Wilders mee bezig is: het zaaien van een paranoïde panische angst voor hele bevolkingsgroepen, en het stelselmatig aanwakkeren van en inspelen op racistische haat.

(wordt vervolgd)